De Tweede Kamer wil dat minister Jet Bussemaker (Onderwijs) werk maakt van opleidingsplekken in het techniekonderwijs, nadat onderwijsinstellingen een numerus fixus hebben ingesteld.

Dat blijkt uit een rondgang van NU.nl.

Het instellen van een numerus fixus voor techniekopleidingen door zes hbo-instellingen deed afgelopen week in de Tweede Kamer de wenkbrauwen fronsen, aangezien er op de arbeidsmarkt juist grote tekorten zijn.

Nog vrij recent is er een techniekpact opgesteld om meer jongeren naar het techniekonderwijs te krijgen en om bedrijfsleven en onderwijs beter te laten aansluiten.

De Hogescholen in Leiden, Rotterdam, Utrecht en Arnhem/Nijmegen, alsmede Inholland in Amsterdam en Avans Breda zagen echter de afgelopen jaren het aantal studenten zo fors toenemen dat zij daarom de instroom willen beperken via een numerus fixus.

Markt

Dit heeft deels te maken met de capaciteit op de scholen, maar volgens de onderwijsinstellingen ook met de vraag in de markt. D66-Kamerlid Kees Verhoeven noemt dit "onbestaanbaar" en roept Bussemaker op om de scholen hiervan af te laten zien.

Volgens hem is de numerus fixus niet nodig als er beter wordt samengewerkt met het bedrijfsleven.

"Vertegenwoordigers van grote bedrijven zeggen als ik ze spreek allemaal dat er te weinig vakbekwame technici zijn", aldus Verhoeven. 

"Het is dus heel vreemd dat de markt dit zegt, maar dat de onderwijsinstellingen stellen dat de arbeidsmarktperspectieven afnemen als er meer studenten bij komen. We hebben het techniekpact gesloten, omdat we een probleem vaststelden. Als dat probleem niet blijkt te bestaan kunnen we het techniekpact wel opheffen."

Te terughoudend

Bussemaker verwacht dat de numerus fixus niet zal leiden tot grootschalige afwijzing van studenten en daarom is zij niet van plan om met de onderwijsinstellingen te gaan praten.

Mohammed Mohandis (PvdA) vindt haar opstelling te terughoudend. "Een numerus fixus is een heel slecht signaal. De aanpak dreigt nu al aan zijn eigen succes ten onder te gaan", aldus het PvdA-Kamerlid. Hij wil dan ook dat Bussemaker werk maakt van het vergroten van de capaciteit op scholen. 

Zijn coalitiegenoot Pieter Duisenberg (VVD) noemt het "een doodzonde" dat de numerus fixus wordt ingesteld. "In het bedrijfsleven heb ik altijd geleerd dat het een doodzonde is om eerst reclame te maken en dan 'nee' te moeten verkopen."

Duisenberg is teleurgesteld dat een eerdere toezegging van Bussemaker om te zorgen voor voldoende plekken niet is nagekomen.

Numerus fixus

Bussemaker liet maandag al in een Kamerbrief weten dat de aanjager van het techniekpact, Doekle Terpstra, met de onderwijsinstellingen en het werkveld gaat praten over de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt.

Ze wees er op dat de numerus fixus door de scholen is ingesteld vanwege de capaciteit op de scholen en niet vanwege het arbeidsmarktperspectief. Daarvoor zou namelijk ministeriële toestemming nodig zijn.

In de Volkskrant stelde directeur techniek van de Hogeschool Leiden, John van der Willik, echter dat hij vreest studenten op te leiden die niet aan werk kunnen komen.

"We hebben de afgelopen jaren de arbeidsmarkt redelijk kunnen bedienen. Nu de aantallen zo toenemen vrees ik dat dat moeilijk wordt", aldus Willik.

Woensdag debatteert de Tweede Kamer over het techniekpact.