Het vertrouwen in de politiek bij Nederlandse burgers is de laatste periode flink gestegen. Een belangrijke oorzaak lijkt het optreden van de beleidsbepalers na de vliegramp op 17 juli in Oekraïne. 

Dat stelt het Sociaal en Cultureel Planbureau vrijdag in het Continu Onderzoek Burgerperspectieven (COB).

Daarin wordt elk kwartaal gekeken naar opvattingen van mensen over politieke en maatschappelijke kwesties en de stemming in Nederland.

Het vertrouwen in de regering is deze onderzoeksperiode (die liep van 1 juli tot en met 11 augustus) in vergelijking met de vorige onderzoeksperiode gestegen van 46 naar 61 procent. Voor de vliegramp had 51 procent van de Nederlandse burgers vertrouwen in de Tweede Kamer, nu is dat 62 procent. Van de ondervraagden is nu 37 procent het eens met de stelling dat de meeste politici bekwame mensen zijn. Dit was eerst 26 procent.

Gezondheiszorg

Bij de vraag naar de grootste maatschappelijke problemen in Nederland staat het onderwerp gezondheids- en ouderenzorg bovenaan. 55-plussers maken zich vaker ongerust over de zorg dan jongeren tussen de 18 en 34 jaar, al zijn in alle leeftijdsgroepen de zorgen over de zorg in Nederland toegenomen.

VVD'ers zijn het meest optimistisch. 67 procent van de mensen met een voorkeur voor die politieke partij zeggen dat het in Nederland de goede kant opgaat. D66 (57 procent) en PvdA (53 procent) volgen. Burgers met een voorkeur voor de SP of PVV zijn met respectievelijk 18 en 9 procent het meest pessimistisch.

63 procent van de ondervraagden zegt bang te zijn dat toekomstige generaties het slechter krijgen dan nu het geval is.

Dossier vliegramp | Chronologie vliegramp l Het conflict in Oost-Oekraïne