Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken wil een diepgravend onderzoek naar de leefsituatie van Poolse, Bulgaarse en Roemeense kinderen in Nederland.

 Ook wil hij dat Nederlandse ambassades in deze drie landen meer voorlichting gaan geven aan ouders over de gevolgen van een verhuizing naar Nederland.

Asscher heeft dat dinsdag aan de Tweede Kamer geschreven. Hij is ongerust over een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Dat voerde op zijn verzoek een verkenning uit naar de situatie van migrantenkinderen uit Polen, Bulgarije en Roemenië.

Volgens het SCP hebben ze te maken met slechte woon- en leefomstandigheden en is hun beheersing van het Nederlands gebrekkig. Soms leidt dat tot ontwortelde pupers, die spijbelen en de school voortijdig verlaten.

Verloren generatie

''We mogen het niet laten gebeuren dat er hier een verloren generatie ontstaat'', zegt Asscher in een reactie. ''Ik wil precies weten hoeveel van deze migrantenkinderen in de problemen zitten en wat de oorzaken hiervan zijn.''

Hij heeft het SCP daarom gevraagd een uitgebreider onderzoek te doen. De minister hoopt de Kamer eind volgend jaar nader te kunnen informeren.