Staatssecretaris Sharon Dijksma (Economische Zaken) laat de veelvoorkomende erfelijke problemen van enkele honden- en kattenrassen bestuderen. 

Na de Franse bulldog en de chihuahua wordt nu gekeken naar de problemen bij de Cavalier King Charles Spaniel, de Berner Sennenhond en de Hollandse Herder.

Dat kondigt Dijksma dinsdag aan. Ook raskatten als de Maine Coon en de Perzische kat worden onder de loep genomen.

Dijksma reageert op onderzoek van de Universiteit Utrecht dat aangeeft dat rashonden en -katten beduidend vaker erfelijke aandoeningen hebben dan bastaards. Zo krijgen de chihuahua en de Franse bulldog al jonger last van hun gewrichten dan viervoeters van het vuilnisbakkenras en heeft de labrador vaker aandoeningen aan elleboog en heup.

Ook hebben chihuahua's het beduidend vaker moeilijk rond de geboorte dan bastaards, terwijl de Frans bulldog meer problemen heeft aan luchtwegen, oren, ogen en wervelkolom. Perzische katten mankeren meer dan gewone huiskatten iets aan ogen, nieren en huid.

Dierenleed

''Het mag niet zo zijn dat het fokken op uiterlijke kenmerken leidt tot dierenleed. Het welzijn van huisdieren staat wat mij betreft voorop. Fokkers hebben hierin een belangrijke verantwoordelijkheid, maar ook de koper van een hond of kat speelt hierin een rol´´, vindt Dijksma.

De bewindsvrouw wil niet alleen meer onderzoek bij meer honden- en kattensoorten, ze verwacht ook meer van de fokkers, rasverenigingen en van consumenten, want die zouden moeten weten waar ze op moeten letten als ze een huisdier kopen.

Fokkers kondigden onlangs al aan dat ze met een verplichte DNA-test voor puppies tot een nieuw kwaliteitsmerk 'fairfok' willen komen. De staatssecretaris verwacht dat de fokkers nog meer bijdragen aan het verdwijnen van erfelijke aandoeningen bij rashonden.