Het CDA wil dat kleinere groepen van landen in de EU sneller kunnen samenwerken zonder door de achterblijvers te worden opgehouden. 

Die kerngroepen kunnen onder meer de handen ineen slaan op het gebied van de interne markt, bij het financieel toezicht en het innovatiebeleid en op het gebied van defensiesamenwerking.

CDA-leider Sybrand Buma, lijsttrekker voor de Europese verkiezingen Esther de Lange en oud-staatssecretaris Ben Knapen pleiten daarvoor in een essay dat ze woensdag publiceren. Ze verwijzen voor hun 'kerngroepen' naar voorstellen die de huidige Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble in 1994 deed.

De EU is met 28 landen zo groot geworden, dat er ook grote verschillen zijn tussen landen. Die belemmeren de slagvaardigheid van de unie. Het CDA wil daarom dat binnen de EU lidstaten met een vergelijkbare economische ontwikkeling een voortrekkersrol gaan vervullen in een zogeheten kerngroep.

''Dit doorbreekt de neerwaartse spiraal dat de slagvaardigheid van de EU wordt bepaald door de zwakste schakel. Ook in het wielrennen gaat het hele peloton harder werken als er een paar renners vooruit zijn gereden'', aldus lijsttrekker Esther de Lange.

Heroriëntatie

De CDA'ers willen ''een grondige heroriëntatie'' op de Europese samenwerking, waarbij geen taboes mogen gelden. Dat moet het vertrouwen van de burger in Europa herstellen.

De EU-landen moeten na de Europese verkiezingen eind mei ook afspreken welke bevoegdheden echt in Brussel moeten liggen en welke terug kunnen naar de lidstaten.

Vertrouwenscrisis

De vertrouwenscrisis is volgens de CDA'ers ook ontstaan doordat de EU te snel is gegroeid. De verschillen tussen een dorp in Roemenië of een gemeente in Nederland zijn te groot. Daarom stemde de CDA-Kamerfractie in 2006 ook tegen de toetreding van Bulgarije en Roemenië tot de EU, aldus de auteurs.

Overigens steunde CDA-partijleider en toenmalig premier Jan Peter Balkenende die toetreding, net als CDA-minister van Buitenlandse Zaken Ben Bot.