Meer dan de helft van de aanvragen die zijn ingediend in het kader van de kinderpardonregeling zijn afgewezen.

Dat blijkt uit cijfers die de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) later maandag naar buiten brengt bij de presentatie van het jaarverslag.

De dienst heeft de regeling ''zo goed als afgerond'' en er blijken 1.710 van de 3.280 ingediende aanvragen te zijn afgewezen. Nog eens 120 aanvragen zijn uiteindelijk ingetrokken.

In totaal mogen nu 675 kinderen blijven en hebben nog eens 775 gezinsleden van de kinderen een verblijfsvergunning gekregen. Het gaat om de stand van zaken tot 1 april.

Een verzoek werd bijvoorbeeld afgewezen omdat de minderjarige vreemdeling niet lang genoeg in Nederland woonde of nooit een asielverzoek had ingediend, aldus de IND. In tachtig gevallen werd na een bezwaar toch nog een verblijfsvergunning toegekend.

Beroep

Het kinderpardon trad op 1 februari vorig jaar in werking. Kinderen die voor hun achttiende verjaardag vijf jaar onafgebroken in Nederland hebben gewoond en een verblijfsvergunning hebben aangevraagd, kwamen in aanmerking voor de regeling. Zij konden daar tot 1 mei een beroep op doen. Ook hun gezinsleden kwamen in aanmerking voor een verblijfsvergunning.

De maatregel is afkomstig uit het regeerakkoord van VVD en PvdA. Het kinderpardon was aanvankelijk een 'uitruil' tussen beide coalitiepartijen. In ruil voor het pardon kreeg de VVD de strafbaarstelling van illegaliteit.

De strafbaarstelling van illegaliteit ging echter een paar weken geleden van tafel op verzoek van de PvdA. De VVD kreeg daar een half miljard aan lastenverlichting voor terug.

Politieke reacties op cijfers kinderpardon