Er bestaat geen 'acuut gevaar' voor een dijkdoorbraak waardoor grote delen van Nederland blank komen te staan. 

Weliswaar blijkt dat deze dijken volgens een nieuwe rekenmethode minder veilig zijn dan gedacht, maar de problemen zijn met vrij eenvoudige maatregelen tegen te gaan.

Later dit jaar komt het kabinet met nieuwe normen voor waterveiligheid.

Vicepremier Lodewijk Asscher heeft dat dinsdag in de Tweede Kamer gezegd op vragen van de PVV-fractie.

Hij verving in het wekelijkse vragenuurtje minister van Infrastructuur Melanie Schultz, die in het buitenland is. De PVV-vragen waren ingegeven door een uitzending van RTL Nieuws van vrijdag.

Uit de nieuwe rekenmethode van Rijkswaterstaat blijkt dat dijken brozer kunnen worden doordat er zand en water onderdoor spoelen. Schultz zei vorige week al dat dijken waarmee problemen zijn, met voorrang worden aangepakt.

Piping

Ook wordt gezocht naar nieuwe oplossingen om het zogeheten piping tegen te gaan, aldus de minister. Bij piping stroomt water onder de dijken door waardoor gaten ontstaan. Dit risico zou bestaan bij honderden kilometers dijken. 

"Maar op dit moment bestaat er geen acuut gevaar", zei Asscher. "De dijken worden goed in de gaten gehouden. Als piping voorkomt dan kunnen de waterschappen dat meteen aanpakken."