'Helft raadsleden verlangt meer van burger'

Veel gemeenteraadsleden zien facetten van een participatiemaatschappij wel zitten.

Ruim de helft vindt dat de overheid van burgers mag verlangen dat ze meer doen in hun gemeente, zoals het onderhouden van parken. Dat schrijft Trouw maandag op basis van eigen onderzoek.

Eén op de tien van de ondervraagden is het eens met het principe van de participatiemaatschappij, maar vindt dat burgers al genoeg doen. Een kwart wijst het idee volledig af.

De voorstanders komen opvallend genoeg niet alleen uit de kringen van regeringspartijen PvdA en VVD. Ook binnen het CDA, ChristenUnie, SGP en D66 vinden raadsleden dat burgers meer kunnen doen.

De raadsleden zijn minder enthousiast over het idee van grotere provincies. Nog geen kwart omhelst deze oplossing van maatschappelijke problemen. Bijna de helft is tegen. Een derde van de geënquêteerden vindt dat de provincies als bestuurslaag helemaal kunnen verdwijnen.

Vergoeding

Slechts 38 procent denkt dat gemeenten het overhevelen van zorgtaken aankunnen. De meeste raadsleden zien bezwaren: de gemeente is te klein, er is onvoldoende expertise en te weinig geld.

Over zichzelf zeggen de raadsleden dat hun taak in de gemeente steeds meer een vak wordt. Raadslid zijn, brengt aardig wat werk met zich mee, maar de vergoedingen verschillen nogal.

Wie in een kleine gemeente (tot 8.000 inwoners) zit, ontvangt 300 euro vergoeding per maand. Raadsleden in grote gemeenten (meer dan 375.000 inwoners) kunnen circa 2.200 euro verdienen.

Tip de redactie