Jeugdzorg wordt vanaf 1 januari 2015 een verantwoordelijkheid van de gemeenten. 

Een meerderheid in de Eerste Kamer heeft dinsdag groen licht gegeven voor de overheveling van jeugdzorgtaken van Rijk en provincie naar gemeenten.

In een hoofdelijke stemming gaf een ruime meerderheid van 45 Eerste Kamerleden (VVD, PvdA, CDA, D66, ChristenUnie en SGP) steun aan het kabinetsplan. 22 senatoren (van SP, PVV, GroenLinks, OSF en PvdD) stemden tegen.

De Tweede Kamer ging in oktober al akkoord. Jeugdwerkers, artsen, kinderrechters en wetenschappers zijn bezorgd over de veranderingen, ook al omdat die gepaard gaan met een bezuiniging van 450 miljoen euro. 

Snel

Jeugdzorg Nederland is wel voor de overheveling, maar vindt het allemaal te snel gaan. De SP vindt dat ook en noemde deze overheveling een ''voorbeeld van falend decentralisatiebeleid’’.

Om in de gaten te houden of de overheveling wel zo uitpakt als gepland, beloofden de staatssecretarissen Martin van Rijn (WS) en Fred Teeven (Justitie) dat een onafhankelijke commissie toezicht gaat houden.

Maatwerk

Het kabinet wil dat jeugdzorg een taak van de gemeenten wordt omdat die beter maatwerk kan leveren. Door op het juiste moment de juiste hulp te bieden, wordt voorkomen dat dure gespecialiseerde hulp nodig is. Van Rijn is blij dat het wetsvoorstel is aangenomen.

''We moeten nog veel regelen en organiseren om te zorgen dat het in de praktijk van alledag straks goed gaat. Maar deze wettelijke helderheid is een enorme steun in de rug voor iedereen om daarmee in volle vaart door te gaan.’’

Mijlpaal

Teeven beschouwt de totstandkoming van deze wet als een mijlpaal. ''Het is de grootste stelselherziening die ooit heeft plaatsgevonden in de jeugdzorg. Maar belangrijker, dit nieuwe stelsel gaat een eind maken aan de bureaucratie en aan de versnipperde hulpverlening in de jeugdzorg.’’

Het overhevelen van de jeugdzorg van provincies naar gemeenten is een van de drie grote decentralisaties die het kabinet wil realiseren. Gemeenten krijgen ook de verantwoordelijkheid voor de langdurige zorg en de sociale werkvoorziening.