Het Europees Parlement wil dat Nederland en vijf andere EU-landen het toezicht op hun inlichtingen- en veiligheidsdiensten verscherpen. 

Dat staat in een ontwerprapport van het Europees Parlement (EP), dat woensdag door de bevoegde commissie (mensenrechten, justitie en binnenlandse zaken) werd aangenomen.

Het betreft een niet-bindend advies, maar het is wel een sterk signaal vanuit de Europese volksvertegenwoordiging.

Naast Nederland worden Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Zweden en Polen met naam en toenaam genoemd. Het EP wil dat deze landen ervoor zorgen dat de wetten over en het toezicht op de activiteiten van inlichtingendiensten in lijn zijn met Europese afspraken over mensenrechten en gegevensbescherming.

Bovendien zouden de nationale parlementen via hun toezichthoudende rol, zoals in Nederland via de commissie Stiekem, meer moeten samenwerken op Europees niveau.

Ontspoord

GroenLinks-Europarlementariër Judith Sargentini spreekt van ''ontspoorde inlichtingendiensten'' die mensenrechten en andere wetten minachten.

''Dat moet snel veranderen. Anders worden de veiligheid en vrijheid van Europese burgers, die door de diensten beschermd behoren te worden, volledig uitgehold.''

Transparanter

Het EP stelde een eigen onderzoek in na de onthullingen via klokkenluider Edward Snowden dat de Amerikanen massaal Europese burgers zouden hebben afgeluisterd.

Maar onder ede getuigen horen, dan wel getuigen dwingen te komen, die bevoegdheden heeft het EU-parlement niet. Dat moet veranderen, vindt het EP, op voordracht van D66-politica Sophie in 't Veld. ''Europa moet democratischer en transparanter en dit is een van de stappen om dat te bereiken.''

Snowden

Een passage waarin stond dat Snowden asiel zou krijgen en gevrijwaard zou zijn van vervolging, haalde het niet. De EP'ers roepen nu lidstaten op in algemene zin klokkenluiders beter te beschermen.