"Niet ideaal, maar werkbaar", noemt vicepremier Lodewijk Asscher de coalitie VVD-PvdA zonder meerderheid in de Eerste Kamer. 

In het kerstinterview met NU.nl blikt hij terug op een bewogen jaar: "Het had allemaal wel met wat minder nervositeit gemogen".

Heeft u momenten gehad waarop u dacht: als dit maar goed gaat?

"Jazeker, maar we eindigen het jaar met reden tot hoop. Voor belangrijke onderwerpen zijn deals gesloten en zijn plannen aangenomen. De economie begint herstel te vertonen. Er is zelfs voor het eerst in vijf jaar een groeiraming naar boven bijgesteld."

Reden tot hoop, maar makkelijk ging het niet.

"We hadden de taak om draagvlak te creëren. Dat is ook gelukt. We hebben een sociaal akkoord gesloten, tegen de verwachting in. Daarnaast hebben we een zorgakkoord, een energieakkoord." 

"Maar ook in de politiek heb je draagvlak nodig. Dat was niet altijd makkelijk. We hebben hier en daar halsbrekende toeren moeten uithalen om de steun te verwerven. Maar het is wel gelukt."

Welke toeren heeft u moeten uithalen? 

"We hebben coalities moeten smeden die tot dan toe nooit vertoond waren. Met D66 en SGP. Dat laat wel zien dat het een ongebruikelijke situatie is. Die partijen staan ver van elkaar af. Des te meer waardeer ik dat die partijen de bereidheid hebben getoond om in het belang van Nederland afspraken te maken."

Bent u bang geweest voor een kabinetscrisis?

"Nee. Onze taak was te doen wat nodig is, namelijk de doelen voor ogen houden."

"Soms moet je flexibel zijn in de partijen waarmee je samenwerkt en in de uitwerking van je plannen. Dat betekent soms dat je spannende onderhandelingen in moet gaan, tegen deadlines aan moet werken."

Is dat een nieuw inzicht: dat het kabinet zich "flexibel" moet opstellen?

"Dat is geen nieuw inzicht, maar we hebben het het hele jaar moeten bewijzen. Wij hebben niet voor kabinetsdeelname gekozen in een tijd waarbij het allemaal makkelijk gaat."

U moet toch momenten hebben gehad waarop u dacht: hadden we in 2012 bij de formatie maar direct die steun in de Eerste Kamer geregeld?

"Bij de formatie waren geen gemakkelijke opties. Dat is daarna ook gebleken. Het had allemaal wel met wat minder nervositeit gemogen. En de onderhandelingen hadden wat mij betreft niet altijd 's nachts gehoeven."

"Maar het gaat om het resultaat. Als ik terugkijk is me dat juist meegevallen. Het is gelukt om steun te krijgen voor veranderingen waar soms tientallen jaren mee gewacht is, omdat ze in de taboesfeer zaten."

"Het is allemaal niet ideaal, maar het is werkbaar."

Het feit dat D66, ChristenUnie en SGP nu op zoveel punten de steunpilaar zijn van het kabinet geeft toch aan dat het veel makkelijker was geweest dit al bij de formatie te regelen?

"Dat is een misvatting. Deze partijen zijn zeer gehecht aan hun onafhankelijke positie. Zij kiezen er voor om ons op sommige punten te steunen. Maar verder gaan D66 en SGP echt niet met elkaar in een coalitie."

"En ten tweede: De situatie heeft zich ook verder ontwikkeld. De nood kwam aan de man. We moesten een lastige begroting maken. Vervolgens hebben we politieke steun gezocht en gevonden. Je kunt niet zeggen dat dat wel even makkelijk eerder had gekund."

Dus u spreekt de commentatoren tegen die zeggen dat er in 2012 een weeffout is gemaakt bij de formatie.

"Ik vind dat ongelofelijk makkelijk commentaar. Ten tijde van de formatie waren er geen aantrekkelijke alternatieven voor handen. Het was helemaal niet logisch dat de SGP en D66 zouden gaan samenwerken. Het CDA deed ook toen al nergens aan mee."

In de begrotingsafspraken moest het sociaal akkoord worden opengebroken. Als de aanpassingen voor de sociale partners onacceptabel waren geweest, was u dan wel tot een begrotingsakkoord gekomen?

"Mijn bijdrage is geweest: probeer een gemene deler te vinden in plaats van te zeggen wat er wel of niet acceptabel is." 

"We zijn allemaal voor meer werk. Daar heb ik de brug kunnen slaan met D66. Die stelden aanvankelijk: het sociaal akkoord moet opengebroken en het deugt allemaal niet. Toen we de begrotingsafspraken maakten hebben ze gezegd: als het aankomt op werkgelegenheid kunnen we elkaar vinden."

Bedoelt u te zeggen dat D66 helemaal jullie kant op is gekomen?

"Het is jammer dat iets aardigs op zo'n manier wordt uitgelegd, want dat bedoel ik oprecht niet zo. Ik vind, je kunt bezig zijn met wie wint of verliest, maar je kunt ook op zoek gaan naar iets waar je gezamenlijk verantwoordelijkheid voor wil nemen."

Coalitiepartners VVD en PvdA hebben elkaar stevig vast in de coalitie, maar zijn traditionele tegenpolen. Bent u niet bang dat mensen denken dat het niet meer uitmaakt waar ze op stemmen?

"Ik heb niet het idee dat dat een reëel gevaar is. Wij hebben de verantwoordelijkheid genomen om Nederland door deze diepe crisis te leiden. Dat gaan we dus niet doen door ouderwets ruziemaken, maar door ons als team op te stellen."

Een pragmatische samenwerking dus?

"De samenwerking is pragmatisch en zakelijk, maar in beide partijen zitten idealisten. VVD en PvdA hebben een andere visie op de wereld, op de samenleving."

"Ik denk dat kiezers verwachten dat je niet alleen mooi weer speelt met je stem, maar dat je er ook echt wat mee doet."

U kwam voor honderden miljoenen aan sectorplannen, actieplannen voor bijvoorbeeld de jeugdwerkloosheid, mobiliteitsbonussen. Ondertussen loopt de werkloosheid sinds uw aantreden alleen maar op.

"Dat is mijn grootste zorg. Na een enorme periode van recessie, waarbij bedrijven heel lang hun mensen hebben vastgehouden, zijn er nu veel ontslagen gevallen."

"Alle economen zeggen: het duurt even voordat de werkgelegenheid herstelt. Eerst moet er groei komen en moeten de export en de consumentenbestedingen aantrekken."

Vanuit werkgevers wordt weleens gezegd: Het is veel beter om de economie structureel te versterken. Door de loonkosten omlaag te brengen ontstaat werkgelegenheid.

"Het is allebei nodig: de economische structuur versterken en de crisis bestrijden. We verlagen de kosten voor arbeid en we zorgen voor een arbeidsmarkt die is toegesneden op de moderne tijd."

"Maar je kunt daar niet op gaan zitten wachten. Je moet ook mensen vasthouden, zodat ze weer mee kunnen als de economie aantrekt. Dat doen we via de sectorplannen."

Ondanks de hoge werkloosheid is er toch behoefte aan buitenlandse werknemers uit Bulgarije of Roemenië. Critici zeggen dat dat bewijst dat de loonkosten in Nederland te hoog zijn.

"Dat zijn de werkgevers die Europa zien als een zo goedkoop mogelijke arbeidsmarkt. Er zijn economen die zeggen dat de minimumlonen omlaag moeten en dat het sociale stelsel moet worden afgeschaft."

"Ik denk dat we met bloed, zweet en tranen een land hebben opgebouwd waar je hard moet werken, maar niet hoeft te bedelen als je je baan kwijt bent."

U heeft een tijdje geleden uw vrees uitgesproken dat het openen van de grenzen voor Bulgaren en Roemenen per 1 januari voor problemen gaat zorgen. Onlangs kreeg een motie van D66 die opriep om niet te morrelen aan het vrij verkeer in Europa slechts steun van GroenLinks. Wat zegt dat over het draagvlak voor Europa?

"Die motie ging verder. Er zat namelijk een denkverbod in verscholen dat je geen discussie mag voeren over het welvaartsniveau waarop een lidstaat mag toetreden tot de Europese Unie."

Zegt de beperkte steun voor die motie niet dat het draagvlak voor Europa aan het afkalven is?

"Nee, de motie dreigde een hele legitieme discussie te verlengen tot een spelletje voor of tegen Europa. Dat vind ik een vorm van volksverlakkerij."

"We zullen moeten samenwerken in Europa om ons brood te verdienen. Maar dat betekent niet dat je niet moet discussiëren over wat er niet goed gaat. In dat debat werd me ook gevraagd om tien minuten te praten over wat er wel goed gaat met Europa. Ik zei: Nee, dat is mijn werk niet."

Er dreigt in Nederland wel een beeld dat Europa ons vooral tegenwerkt.

"Maar jongens, we hebben het ook niet over de 92 procent van de mensen die wél aan het werk zijn. Wij zitten hier voor die overige 8 procent."

Voelt u zich als vicepremier niet verantwoordelijk voor het beeld dat in het land bestaat over Europa?

"Ik vestig dat beeld niet. Ik ben ook niet verantwoordelijk voor de beelden die ontstaan. Sterker nog, ik hou niet van politici die alleen maar bezig zijn met de beelden. Ik ben bezig met de mensen die last hebben van problemen."

"Mensen willen weten wat Europa betekent. Als het betekent dat we ons sociale stelsel opgeven voor Bulgaars minimumloon dan zal daar geen draagvlak voor zijn. Maar als we samenwerken om boeven te pakken wel."

Wat verwacht u voor 2014?

"Het zal nog steeds een zwaar jaar zijn met een hoge werkeloosheid. Maar er zal sprake zijn van lichte economische groei, lichte verbetering van het consumentenvertrouwen."

Dat is wel heel voorzichtig.

"Zeker, maar dat is wat ik verwacht. En voor mij is het de taak om alle plannen ook in de praktijk te laten werken. Een klein beetje optimisme is op zijn plaats."