De PVV verdedigt de belangen van het grootkapitaal en de beleggers in de financiële sector.

Dat verwijt wierp minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën PVV-Kamerlid Tony van Dijck voor de voeten in een felle botsing tijdens het Kamerdebat over de najaarsnota van het kabinet.

De aanvaring ging over de bankenunie en de manier waarop banken in problemen worden gered. In Europa zijn daarover afspraken gemaakt. Banken moeten hun buffers verhogen en beleggers en aandeelhouders moeten eerst bloeden als een bank failliet dreigt te gaan.

Hypotheekrentes

Volgens Van Dijck leiden de Europese afspraken, die door Dijsselbloem worden verdedigd, ertoe dat de burger de klos is omdat de banken de kosten doorberekenen in hogere hyotheekrentes.

''Uiteindelijk valt linksom of rechtsom de rekening bij de consument. U doet alsof u de burger uit de wind wil houden, maar de rekening komt bij de belastingbetaler.''

Dijsselbloem wierp Van Dijck voor de voeten dat die eigenlijk de beleggers in bankaandelen uit de wind wil houden. Volgens Dijsselbloem worden de risico's in de financiële sector met de Europese regels juist verschoven van belastingbetalers en overheden naar investeerders en beleggers.

''Het is belangrijk om dat bewustzijn eindelijk in de financiële sector te verankeren. Het risico moet daar worden opgevangen.''

Referendum

SP-Kamerlid Arnold Merkies pleitte donderdag voor een referendum over het verdrag dat de EU-landen gaan sluiten om de bankenunie te regelen.

De SP vindt dat over het verdrag een referendum moet worden gehouden, omdat er sprake is van een "verregaande overdracht van bevoegdheden richting Europa".

"Of wordt het volk weer de mond gesnoerd als het gaat om de overdracht van macht aan Europa?" vroeg Merkies aan Dijsselbloem.

Dijsselbloem is niet van plan een referendum te houden. Over het verdrag moet nog worden onderhandeld, zei Dijsselbloem. Dat gebeurt in de eerste maanden van volgend jaar. Daarna wordt het aan de nationale parlementen voorgelegd. "En mijn stelling is dat het Nederlandse parlement het Nederlandse volk vertegenwoordigt."

Akkoord

De Europese ministers van financiën bereikten woensdagavond in Brussel een akkoord over de vorming van een Europees saneringsfonds voor noodlijdende banken. De regels omtrent het fonds, in jargon het single resolution mechanism, worden daarbij vastgelegd in een verdrag tussen de lidstaten.

De EU-ministers hebben afgesproken dat er in 2026 een Europees saneringsfonds van 55 miljard euro moet zijn. Dat geld moet worden opgebracht door de banken zelf. Tot die tijd bestaat het fonds uit 'nationale compartimenten' en moeten nationale overheden bijspringen als er een bank omvalt en er niet genoeg geld in het fonds zit.

Vijf vragen over de bankenunie