Het kabinet heeft na maanden politiek gesteggel met D66, ChristenUnie en SGP een akkoord bereikt over de pensioenopbouw. De details worden later bekend gemaakt in een brief aan de Tweede Kamer.

Dat melden de onderhandelaars woensdag na afloop van het afrondende overleg op het ministerie van Financiën.

Het pensioenplan levert een monsterbezuiniging op van bijna 3 miljard euro. Deze week is er al een debat over het akkoord.

In het akkoord daalt de jaarlijkse pensioenopbouw minder hard dan eerder afgesproken; niet naar 1,75 procent, maar naar 1,875 procent.

In het oorspronkelijke pensioenplan werd de belastingvrije pensioenopbouw vanaf 2015 beperkt tot inkomens tot 100.000 euro en het opbouwpercentage verlaagd van 2,25 naar 1,75 procent. Dit laatste punt ging de oppositiepartijen en de vakbonden te ver en het voorstel strandde dan ook in de Eerste Kamer.

Waarborg

De daling van de opbouw is volgens het kabinet mogelijk, omdat mensen langer doorwerken en dus langer sparen voor hun pensioen. D66 heeft altijd gezegd dat een lagere pensioenopbouw te kunnen steunen, op voorwaarde dat dan ook de pensioenpremie omlaag gaat.

Volgens Kamerlid Steven van Weyenberg zijn hier in het akkoord verschillende waarborgen voor afgesproken. Zo gaat De Nederlandsche Bank (DNB) een 'generatie-evenwichttoets' instellen om te voorkomen dat jongeren en werkenden meer premie betalen voor minder pensioen. Pensioenfondsen worden hierover ook getoetst bij de vaststellen van de premies de komende jaren. 

Als een pensioenfonds zich niet aan de afspraken houdt kan DNB ingrijpen. Het ambtenarenpensioenfonds ABP zal volgens Van Weyenberg aangespoord worden om het goede voorbeeld te geven.

"We maken de pensioenopbouw eerlijk voor jongeren en voor werkenden. Dat is goed voor de koopkracht en de economie", aldus Van Weyenberg.

Bezuiniging

Door de aanpassingen in de pensioenopbouw moet elders een besparing van ongeveer 600 miljoen gevonden worden.

Daarom zal de eerder aangekondigde lastenverlichting voor werkgevers worden beperkt. Ook wordt de regeling om oudere werknemers in dienst te krijgen verhoogd van 50plussers naar 56plussers.

Verder kunnen ook zzp'ers makkelijker voor hun pensioen gaan sparen. Zodra zij zonder werk komen te zitten wordt dit spaarbedrag niet meer aangemerkt als vermogen, waardoor zij gewoon bijstand kunnen krijgen.

Toekomst

In het akkoord met de oppositiepartijen is verder afgesproken dat voor de inkomens boven de 100.000 euro er toch een mogelijkheid komt om tegen het nettoloon fiscaal voordelig voor het pensioen te sparen. Een eerdere spaarregeling voor deze inkomens, die door werkgevers- en werknemersorganisaties was opgesteld, sneuvelde na veel kritiek op de ingewikkeldheid ervan ook in de Eerste Kamer. 

Ook wordt de Sociaal-Economische Raad (SER) gevraagd om met een brede visie te komen op de toekomst van het pensioenstelsel.

Woningmarkt

Het akkoord leek deze week alsnog te stranden vanwege een ander overleg, over de toekomst van de woningmarkt, dat dinsdagmiddag in de Eerste Kamer werd gevoerd. Ook bij deze plannen is het kabinet afhankelijk van D66, ChristenUnie en SGP.

PvdA-Senator Adri Duivesteijn had grote moeite met de verhuurdersheffing voor woningcorporaties. De oppositiepartijen wilden voor het ondertekenen van het pensioenakkoord duidelijkheid over de woningmarktplannen. 

Als Duivesteijn het akkoord had afgeschoten had dit immers een extra miljardenstrop voor het kabinet betekend.

Achtergrond: Wat betekent het pensioenplan voor u? | Reacties op het akkoord