Alle werknemers moeten een wettelijk recht op scholing krijgen. Over de uitwerking daarvan moeten vervolgens in arbeidscontracten afspraken worden gemaakt, net als dat gebeurt over salaris en vrije dagen.

D66'er Steven van Weyenberg zal dat dinsdagavond naar voren brengen bij de behandeling van de begroting van minister Lodewijk Asscher en staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken.

CDA'er Pieter Heerma steunt zijn plan.

''We moeten af van de gedachte dat scholing een luxe is'', zegt Van Weyenberg. ''Het opdoen van kennis houdt niet op bij de schoolbanken. Het wordt tijd om serieus werk te maken van een leven lang leren.''

Het Kamerlid onderstreept dat extra opleiding of training ook in het belang is van de werkgevers. ''Nederland moet concurreren op kennis. Als het alleen gaat om loonkosten, leggen we het af tegen Aziatische landen.''

Van Weyenberg wil het echter niet laten bij een oproep aan de sociale partners om afspraken over scholing aan de cao-tafel te regelen. ''Ik wil dat het in de wet wordt verankerd.'' Hij zal daarvoor nog met initiatieven komen.

Verplichten

Ook Heerma wijst erop dat Nederland het in zijn concurrentie met het buitenland vooral moet hebben van kennis. Hij wil dat de sociale partners worden verplicht hun fondsen voor opleiding en ontwikkeling in te zetten voor scholingsbudgetten. ''Als dat kan via een wettelijke regeling, vind ik het prima.''

In het verleden drongen D66 en CDA ook al aan op het recht op scholing voor werknemers. ''Daar is nog niet veel van terechtgekomen'', zegt Heerma.