Het Centraal Planbureau (CPB) beperkt de traditionele doorrekening van de verkiezingsprogramma's van politieke partijen. Alleen de voornaamste economische effecten worden nog onderzocht.

Dat schrijft CPB-directeur Laura van Geest dinsdag in een brief aan alle partijen in de Tweede Kamer.

Het CPB berekent voortaan niet meer de gevolgen van de verkiezingsprogramma's voor bijvoorbeeld het aantal files, de huizenprijzen of de uitstoot van broeikasgassen. Wel worden nog de gevolgen onderzocht voor de overheidsfinanciën, de werkloosheid en de koopkracht.

Een andere beperking die het CPB zichzelf oplegt is dat voortaan alleen nog maatregelen worden bekeken waarmee minstens honderd miljoen euro is gemoeid. Nu ligt de grens op vijftig miljoen.

Volgens het CPB is de doorrekening in de loop der jaren te complex en daarmee te tijdrovend geworden voor het instituut. "Tot op heden zijn er geen grote fouten gemaakt, maar doorgaan op dezelfde weg maakt het risico hierop te groot", staat in de eveluatie van het vorige doorrekeningsproces.