Steeds meer Europarlementariërs willen af van hun vergaderplek Straatsburg. Zij willen het liefst alleen nog maar in Brussel bijeenkomen.

De parlementariërs riepen woensdag de EU-lidstaten op dat mogelijk te maken.

Veruit de meeste afgevaardigden vinden dat zij zelf het recht moeten krijgen om te bepalen waar en hoe zij vergaderen. Nu is dat vastgelegd door de EU-lidstaten. Het Europees Parlement (EP) wil dan ook dat de lidstaten het Europees Verdrag veranderen, zodat het EP het heft in eigen handen kan nemen.

De strijd rond de zetel Straatsburg duurt al jaren. Frankrijk en Luxemburg, waar een deel van de EP-administratie is gevestigd, verzetten zich met hand en tand tegen centralisatie in Brussel. Zij kunnen een verdragswijziging blokkeren.

Internet

Europarlementariër Toine Manders (ex-VVD, nu lijsttrekker 50Plus) stelt voor om stemmingen in het parlement ook via internet mogelijk te maken. Hierdoor hoeven de afgevaardigden en het personeel niet langer twaalf keer per jaar naar Frankrijk te reizen, aldus Manders in een verklaring: ''De zetel in Straatsburg is niet meer van deze tijd. Gelukkig zijn er moderne oplossingen."

Ook voor het CDA is de tijd gekomen om Straatsburg definitief vaarwel te zeggen. ''Vergaderen op één plek bespaart jaarlijks zo'n 200 miljoen euro, veel milieuvervuiling en tijdverlies", vindt EP'er en CDA-lijsttrekker Esther de Lange. De 766 Europarlementariërs, hun assistenten, tolken en anderen vergaderen steeds slechts 4 dagen In Straatsburg. Zij werken veruit de meeste tijd in Brussel.

De leider van de VVD in het EP, Hans van Baalen, vindt dat Frankrijk alle kosten voor zijn rekening moet nemen die met Straatsburg zijn gemoeid, als het land een vertrek blokkeert: ''Ik wil een Europa dat voor handel en banen zorgt. Een investering van 200 miljoen per jaar in de werkgelegenheid van de Straatsburgse horeca is niet wat mij daarbij voor ogen staat.''

Europees Parlement wil meer vrouwen in de top