De PvdA wil raadsleden of statenleden die nauwelijks bij vergaderingen komen opdagen, stevig korten op hun financiële vergoeding.

Wie nooit komt, moet zijn gehele vergoeding kwijtraken. De Kamerleden Pierre Heijnen en Manon Fokke stellen dat voor in een wijzigingsvoorstel op een wetsvoorstel over bestuurlijke integriteit dat nog afgehandeld moet worden in de Tweede Kamer.

De PvdA'ers vinden dat de raadsleden die zelden of nooit komen, het vertrouwen in de politiek schaden. Er kan nu ook gekort worden op hun vergoeding, maar de 20 procent vindt de PvdA te beperkt.

Serieus

Heijnen: ''Als een raadslid in een jaar tenminste de helft van de tijd afwezig is, moeten forse kortingen mogelijk worden. Als een raadslid nooit meer komt opdagen, moet zelfs zijn hele vergoeding kunnen worden stilgezet. Het raadslid in kwestie zal dan eerder geneigd zijn om diens zetel op te geven en plaats te maken voor iemand die het werk van volksvertegenwoordiger wel serieus neemt.''

Volgens Fokke moet het korten van raadsleden zorgvuldig gebeuren: ''Een besluit om iemand te korten, mag niet lichtvaardig worden genomen. Er is minstens een tweederde meerderheid in raad of staten voor een dergelijk besluit nodig. Uiteraard kunnen er goede redenen zijn waarom iemand niet aanwezig is. Het is aan de gemeenteraad of Provinciale Staten om daar rekening mee te houden. Bijvoorbeeld iemand die vanwege ziekte lang weg is, moet niet worden gekort.''

Heijnen maakte zich in 2011 ook al hard tegen de 'spookraadsleden'.