Het kabinet kan echt niet met minder bewindslieden toe, vindt staatssecretaris Fred Teeven (Veiligheid en Justitie).

''Ik zou niet weten waar je nog een bewindspersoon zou kunnen schrappen”, aldus Teeven zaterdag in een interview met De Persdienst van de Wegener-dagbladen.

Het kabinet telt nu behalve premier Mark Rutte twaalf ministers en zeven staatssecretarissen. Volgens Teeven is dat het ''absolute minimum''. Teeven (VVD) heeft een flinke berg werk op zijn bureau: deed hij eerst vooral veiligheids- en justitiezaken, ''nu doe ik ook nog het hele vreemdelingenbeleid erbij’’.

Teeven krijgt bijval van partijgenoot en voormalig minister van Binnenlandse Zaken Johan Remkes. Er kan geen sprake van zijn dat een volgend kabinet het met bijvoorbeeld vijf bewindslieden minder moet doen, vindt hij. ''Dan krijg je je werk niet goed gedaan.''

Ook oud-staatssecretaris Pieter van Geel (CDA) vindt dat het kabinet niet kleiner moet worden. „Het is een gigantische bult werk. Als je dat neerlegt bij een steeds kleinere club dan verschuift het werk te veel naar de ambtelijke top. En dat hoort niet.”

Niet verstandig

Het kabinet Rutte-I had ook maar twintig bewindslieden, acht minder dan het kabinet daarvoor. Oud-minister Hans Hillen (CDA, Defensie) stelde dat het achteraf gezien niet verstandig was om het kabinet zo in te krimpen. Ook staatssecretaris Henk Bleker (CDA, Economische Zaken) stelde dat de werkdruk ''knelde''. Oud-minister Liesbeth Spies (CDA, Binnenlandse Zaken) adviseerde Rutte te leren van de ervaring met het kleine kabinet.

Het kabinet vindt dat de overheid verder in moet krimpen. Daarbij moet het kabinet volgens Rutte het goede voorbeeld geven.