Het is niet nodig om aan de noodrem te trekken bij de invoering van het passend onderwijs. Dat zei staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs) woensdag tijdens een overleg in de Tweede Kamer.

Het kritische rapport van de Algemene Rekenkamer dat dinsdag verscheen ''laat wel zorgen en pijnpunten zien", aldus Dekker.

Volgens de Rekenkamer is het evenwicht tussen wat basisscholen kunnen en wat er van ze wordt gevraagd, wankel. Ook is de financiële positie van veel scholen kwetsbaar. Invoering van het passend onderwijs vraagt dan ook alertheid, aldus het rapport.

Dekker benadrukte dat ''we niet op weg zijn naar een paradijs waar alles pais en vree is", maar dat het nieuwe systeem ''in ieder geval beter zal zijn" dan het huidige waarin er weinig ruimte is voor maatwerk. Hij ziet geen reden om van zijn planning af te wijken. Scholen moeten op 1 augustus 2014 klaar zijn voor het nieuwe systeem.

'Verontrustend'

PvdA-Kamerlid Loes Ypma noemde het rapport van de Rekenkamer ''verontrustend". Michel Rog van het CDA is verbaasd over het ''grote contrast" tussen de optimistische toon van de voortgangsrapportage van Dekker en het rapport van de Rekenkamer. Volgens SP'er Eric Smaling zitten er ''veel haken en nog meer ogen" aan de invoering van het passend onderwijs.

Vorig jaar werd de Wet passend onderwijs aangenomen waardoor kinderen die extra begeleiding nodig hebben, voortaan vaker in het regulier onderwijs terechtkunnen. Het geld dat vroeger werd uitgedeeld via zogeheten rugzakjes, gaat nu direct naar de scholen. Er is geen sprake van een bezuiniging, benadrukte Dekker. ''We gaan de middelen alleen anders inzetten'', zei hij.