De hervorming van de langdurige zorg is noodzakelijk. Dat zei staatssecretaris van Volksgezondheid Martin van Rijn (PvdA) maandag tijdens de behandeling van zijn bezuinigingsvoorstellen in de Tweede Kamer.

De Kamer debatteert de hele dag op hoofdlijnen over de plannen, waarmee Van Rijn de langdurige zorg voor ouderen en mensen met een beperking wil hervormen.

Kern daarvan is dat gemeenten zorgtaken moeten gaan uitvoeren die nu nog onder de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) vallen. Verder is het streven dat mensen met behulp van ondersteuning langer thuis blijven wonen.

Van Rijn zei dat het onvermijdelijk is dat de langdurige zorg wordt hervormd. "De manier waarop we de zorg nu georganiseerd hebben, voldoet niet." De kosten van de AWBZ zijn de afgelopen jaren sterk opgelopen, naar 25,1 miljard in 2011. Het kabinet wil op termijn structureel 3,5 miljard euro bezuinigen.

Bezwaren

In de Tweede Kamer bestaan nog de nodige bezwaren tegen zijn plan. De bewindsman kan rekenen op de steun van de coalitiepartijen VVD en PvdA, maar zag zich geconfronteerd met een oppositie die een spervuur aan vragen op hem afvuurde.

Het meest kritisch zijn de PVV en SP. Die partijen zien niets in het 'afbraakplan' van de staatssecretaris, zoals Renske Leijten (SP) het verwoordde. Volgens Fleur Agema (PVV) gaat 'de botte bijl' in de zorg. "De lijst met draconische bezuinigingen is eindeloos."

Ook het CDA was kritisch. Mona Keijzer (CDA) zei dat haar partij een "fundamenteel andere richting" inslaat dan de coalitie. Vera Bergkamp (D66) was constructief. "D66 begrijpt dat hervormingen noodzakelijk zijn", stelde zij. Niettemin bevatten de plannen ook voor haar partij "nog heel veel pijnpunten". "De uitwerking zal cruciaal zijn."