Vakbond Abvakabo wil de komende dagen verder praten met het kabinet over de bezuinigingsplannen voor de thuiszorg.

De bond laat weten dat de partijen zaterdag opnieuw hebben gesproken en elkaar zijn genaderd, maar nog niet genoeg om een akkoord te kunnen sluiten.

''In de besprekingen komen we dichter bij elkaar, maar vooralsnog onvoldoende", meldt voorzitter Corrie van Brenk. Zij geeft aan dat er meer tijd nodig is en wil dat het kabinet serieus nadenkt over het aanbod dat Abvakabo vrijdagavond deed.

Daarin zou een deel (0,3 procent) van de loonsverhoging in de hele zorg gebruikt kunnen worden om goede thuiszorg overeind te houden.

Volgens de bond kunnen ouderen met goede thuiszorg langer thuis blijven wonen. ''Met de bijdrage uit de loonstijging in de hele zorg kan dat gerealiseerd worden.''

Redelijk voorstel

Staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid) stelt in een reactie dat hij een redelijk voorstel heeft gedaan in de onderhandelingen met Abvakabo over de thuiszorg. Hij wacht nu op een reactie van de vakbond om verder te praten.

Zaterdagmiddag lichtte de bewindsman zijn jongste voorstel toe aan de Abvakabo, de laatste vakbond met wie hij nog zegt te onderhandelen. De andere werkgevers en werknemersorganisaties hebben inmiddels aangegeven mee te willen werken.

Huishoudelijke hulp

De huishoudelijke hulp wordt in de laatste plannen nog steeds overgeheveld naar de gemeenten, maar die krijgen er nu wel meer geld voor. In plaats van de geplande 25 procent biedt Van Rijn aan om 60 procent van het budget overeind te houden.

Daarbij worden de regels versoepeld om voor een plaats in het verzorgingshuis in aanmerking te komen. Niet alleen ouderen die veel intensieve zorg nodig hebben kunnen daar terecht, maar ook degenen voor wie lichtere zorg volstaat. Voor het personeel dat toch zonder werk raakt (maximaal 30.000 in het laatste kabinetsvoorstel) wordt gekeken naar begeleiding naar ander werk of bijscholing.

Toekomst

Abvakabo maakt zich grote zorgen over de toekomst van de thuiszorg en vreesde eerder dat 100.000 banen verloren zouden gaan. Van Rijn heeft ook de toekomst van de thuiszorg voor ogen. ''Wij moeten ook in de thuiszorg naar de toekomst kijken en bezien hoe het verder moet. Maar ik wil het op een verantwoorde manier doen en niet alleen kijken naar cijfers maar ook naar de gevolgen voor mensen.''

Van Rijn voert al geruime tijd gesprekken met een groot aantal organisaties als werkgevers en werknemers, maar bijvoorbeeld ook zorgverzekeraars en gemeenten. Het verzoek van de VNG om ook mee te mogen praten over afspraken in de zorg, verrast hem niet.

''Ik praat met veel betrokkenen, maar niet altijd tegelijk om dezelfde tafel. Dit signaal geeft aan dat ik in de gaten moet houden dat ook gemeenten willen weten wat er gaat gebeuren.''