Minister Jet Bussemaker (Onderwijs) en staatssecretaris Sander Dekker hebben woensdag tijdens een debat in de Tweede Kamer nogmaals gewezen op het belang van een herziening van de arbeidsvoorwaarden voor docenten.

Met name oudere leraren zullen, als het aan Bussemaker en Dekker ligt, een deel van hun rechten moeten inleveren. Het geld dat dit oplevert zal geïnvesteerd worden in de kwaliteit van leraren.

"Vier procent van de loonsom gaat nu op aan leraren die thuis zitten. Dan vraag ik me af of we het wel goed doen", aldus Dekker. "Terwijl deze leraren heel waardevol kunnen zijn. Niet alleen voor de klas, maar ook voor de begeleiding van jonge leraren."

Momenteel wordt er met de onderwijssector gesproken om te komen tot een Nationaal Onderwijsakkoord. De herziening van de arbeidsvoorwaarden moet hier een onderdeel van zijn. De vakbonden zijn echter kritisch over de door het kabinet voorgestelde nullijn voor docenten.

"Ik besef dat de nullijn het niet makkelijker maakt, wij staan ook niet te juichen", aldus Bussemaker. "Maar dat heeft alles te maken met de pijnlijke financiële situatie. Het akkoord moet zorgen voor een stip aan de horizon."

Cultuur

Ze wees erop dat er al twintig jaar gesproken wordt over de 'modernisering van de arbeidsvoorwaarden'. "Dat heeft te maken met de professionele cultuur. Door scholing, vakbekwaamheidsonderhoud, meer samenwerking en elkaar aanspreken. Niet meer de docent die een hek om zijn klas zet", aldus de minister.

Het kabinet heeft een bedrag van 340 miljoen beschikbaar gesteld voor het onderwijs, indien partijen er in slagen te komen tot een onderwijsakkoord.

CDA-Kamerlid Michel Rog noemt het onbegrijpelijk dat het kabinet de investeringen in het onderwijs afhankelijk maakt van het slagen van het akkoord.

Lerarenregister

Dekker zei verder dat hij niet van plan is de regie rond het lerarenregister naar zich toe te trekken. Momenteel is slechts 3 procent van de leraren ingeschreven in het register, dat sinds februari 2012 bestaat.

In dit register kunnen leraren zich nu nog vrijwillig inschrijven om hun bekwaamheid aan te tonen en bij te houden.

De Kamer en de staatssecretaris willen af van de vrijblijvendheid van het register, maar Dekker wil de invulling overlaten aan het onderwijsveld.

"De beroepsgroep moet in de lead blijven, anders ontnemen we hen de motivatie om hier wat van te maken", aldus de staatssecretaris.