Het ministerie van Defensie is in 2010 ''te rigoureus'' met de werving van nieuw personeel gestopt. Dat heeft grote gevolgen gehad voor de personele invulling. 

''De stevige positie en de zichtbaarheid van Defensie op de arbeidsmarkt waren in één klap vrijwel verdwenen.''

Dat concludeert minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie op basis van een onderzoek naar de werving van personeel op haar departement tussen 2008 en 2010. Ze heeft het rapport maandag naar de Tweede Kamer gestuurd.

Het ministerie had destijds te maken met een groot tekort aan personeel, terwijl het aantal nieuwkomers gering bleef. Daarom begon Defensie in 2008 het Actieplan Werving en Behoud. Hiermee moesten de tekorten worden weggewerkt. Maar het programma werd in 2010 feitelijk gestopt vanwege bezuinigingen.

''Achteraf bezien, constateer ik dat de werving te rigoureus is gestopt. Het weer op gang krijgen van de werving is te vergelijken met het weer op gang krijgen van een tanker; het duurt lange tijd voordat die weer op stoom komt'', aldus Hennis.

Tekort

Nog steeds kampt het departement met een tekort aan personeel, onder meer op technisch en medisch vlak. Jaarlijks kunnen zeker 4000 tot 5000 schoolverlaters instromen bij Defensie. Hennis wil in elk geval dat er een langetermijnperspectief komt voor de werving van nieuw personeel.