Nederland gaat geen actie ondernemen naar aanleiding van de zaak rond Joris Demmink.  

Dat schrijft minister van Veiligheid en Justitie Ivo Opstelten in antwoord op Kamervragen van CDA-Kamerleden Pieter Omtzigt en Peter Oskam over de al jaren spelende kwestie.

De voormalig topambtenaar van justitie wordt in verband gebracht met kindermisbruik, maar volgens het Openbaar Ministerie 'ontbreekt een redelijk vermoeden van schuld'.

Drie Turkse mannen beweren in de jaren negentig, toen zij minderjarig waren, in Turkije te zijn misbruikt door Demmink. Opstelten schrijft dat slechts een van hen naar Nederland is gekomen om aangifte te doen. Die aangifte is door het OM geseponeerd omdat de aangifte als niet betrouwbaar werd beschouwd. Tegen dit besluit is een klacht ingediend, waar het hof zich momenteel over buigt.

Turkse advocaten

Op berichten dat de drie in Turkije bedreigd zouden worden, zoals hun advocaat Adèle van der Plas beweert, reageert Opstelten kort en bondig. "Voor zover deze personen in Turkije zijn bedreigd lijkt het geraden dat zij zich wenden tot de bevoegde Turkse autoriteiten."

In het Amerikaanse Congres is de zaak onder de aandacht gebracht door het Republikeinse Congreslid Christopher Smith. Hij vindt dat Nederland te weinig doet om de beschuldigingen van kindermisbruik te onderzoeken.

Hij riep daarom op om het Internationaal Gerechtshof weg te halen uit Nederland. De geloofwaardigheid van het in Den Haag gevestigde hof wordt ondermijnd door de kwestie, stelde hij in een resolutie.

Helsinki Commissie

Opstelten laat weten dat de Nederlandse ambassadeur in Washington alle leden van de Helsinki Commissie, die zich bezighoudt met de banden tussen de VS en Europa op veiligheidsgebied, heeft geïnformeerd over het Nederlandse standpunt in de zaak-Demmink. De minister ziet geen aanleiding om een nieuwe brief te sturen aan Smith en een ander kritisch Congreslid.

Eerder liet ook de Raad voor Europa zich al uiterst kritisch uit over de manier waarop Nederland onderzoek heeft gedaan naar de onlangs gepensioneerde Demmink. De grootste partij van die raad uitte deze kritiek vorig jaar in vragen aan de 47 Europese ministers van buitenlandse zaken.