AMSTERDAM - De onzekerheden rondom de Nederlandse pensioenen zijn momenteel erg groot. Door de rente en beleggingsresultaten is het nog onduidelijk of veel fondsen per 2014 moeten korten op de pensioenen.

 Dit laten de pensioenbestuurders van de twee grootste pensioenfondsen in Nederland, ABP (2,8 miljoen deelnemers) en Zorg&Welzijn (2 miljoen deelnemers) los van elkaar weten aan NU.nl. 

ABP maakt vrijdag bekend in april met 0,5 procent bekend te korten, Zorg en Welzijn hoeft dit mede als gevolg van de gunstigere rekenrente nog niet.

Lastig

"Maar het is lastig te voorspellen hoe het verder gaat", zo stelt Henk Brouwer, voorzitter van ABP, dat in de huidige omstandigheden de pensioenen vanaf 2014 met 1,6 procent denkt te moeten korten. "Dit kan ook meer of minder worden. Duidelijk is al een tijdje dat de hoogte van de pensioenen niet zo onvoorwaardelijk zijn als ze ooit leken."

Ook Peter Borgdorff van Zorg en Welzijn stelt:  "we kunnen niet goed uitleggen aan onze deelnemers wat er gaat gebeuren in 2014."

De pensioenfondsen stellen er nu vooral last te hebben van dat staatssecretaris Jetta Klijnsma eind vorig jaar besloot de invoering van de nieuwe pensioenregels een jaar uit te stellen tot begin 2015.

Tempo

Beide pensioenfondsen sporen Klijnsma aan vaart te maken met de regelgeving. "We dringen bij de staatssecretaris aan op het tempo. Het zou heel erg helpen als aan het einde van dit jaar de contouren van de wetgeving wel bekend zijn", aldus Borgdorff. "Het zit me dwars dat we in zo’n onzekere wereld leven", aldus Brouwer.

"We kunnen daardoor nu niet vooruit lopen met onze besluitvorming, omdat we niet weten hoe het zal doorwerken."

Borgdorff waarschuwt daarnaast ook de sociale partners (werkgevers- en werknemersorganisaties, red.)om niet onnodig over de materie te discussiëren :"laat ons niet in de steek. We waren het eens over een hoofdlijnennotitie, laten we daar nou vooral mee verder werken."

Strengere eisen

Veel pensioenfondsen raakten afgelopen jaren in de problemen, waardoor waarschijnlijk rond de 70 fondsen vanaf april kortingen op de pensioenen zullen doorvoeren. De vijf grootste pensioenfondsen maakten hier vrijdag meer over bekend, half februari zal de Pensioenfederatie een lijst van de andere fondsen in Nederland die moeten korten publiceren. 

Om de problemen in te dammen en hogere kortingen te voorkomen zijn in de uitgestelde wetgeving maatregelen op tafel gekomen waarbij pensioenfondsen aan strengere eisen zouden moeten voldoen. Zo moeten zij meer transparantie bieden en mogen zij de pensioenen alleen aanpassen aan de inflatie als dit in de toekomst ook voor de jongere generaties mogelijk is.

Hoger risico

Ook kunnen fondsen kiezen voor een nieuw pensioensysteem in de regelgeving. In het ene scenario kunnen deelnemers rekenen op een zeker pensioen waarbij wordt belegd met een zo laag mogelijk risico, maar waar de pensioenuitkeringen waarschijnlijk niet kunnen meestijgen met de inflatie.

In het tweede scenario kan dit wel en is de maandelijkse pensioenuitkering dus hoger, maar is het risico dat een pensioen over de gehele linie lager uitvalt wel groter. Zorg en Welzijn, dat voorstander is van deze vorm van pensioen, berekende deze effecten. De kans op verlagen is weliswaar bijna 30 procent hoger, maar de gemiddelde verlaging van de pensioenen gemeten over 15 jaar valt met 2 procent veel lager uit dan onder de oude regeling met 8 procent.

Zorg en Welzijn vreest nu dat door de vertraging in de wetgeving had mogelijk moeten gaan korten op de pensioenen in 2014, terwijl dit in de nieuwe regelgeving misschien niet nodig had hoeven zijn.

Bijzonder

Brouwer noemt de problemen waardoor de pensioenen nu zo onzeker zijn; "hele bijzondere verschijnselen."

"Dat je de financiële positie afmeet aan een rentevoet die extreem laag is terwijl de rendementen die we maken heel mooi zijn. Een pensioenfonds is daardoor mede afhankelijk van de ontwikkelingen in Europa."

"Het tweede fascinerende is dat je te maken hebt met een veel hogere levensverwachting. Het derde aspect is de discussie tussen jong en oud", die volgens Brouwer niet altijd zuiver wordt gevoerd. "Maar het is wel een goede zaak dat de discussie leeft. Het kan niet zo zijn dat of ouderen of jongeren met de buit weglopen ten nadele van andere groepen."

Levensverwachting

Brouwer stelt in verweer op de kritiek dat het vermogen van de fondsen en de winsten van de beleggingen die zij hebben behaald juist alleen maar is gestegen. Hij wil dan ook praten over manieren om de stijging van levensverwachting beter te verwerken.

Ook stelt Brouwer dat er grenzen zijn aan de bijdrage van actieve werknemers en werkgevers aan verhoging van premies. "Er is geen ruimte meer voor premiestijging."

Collectief

Beide pensioenbestuurders benadrukken dat het stelsel echter wel collectief moet blijven om zo meer geld te kunnen verdienen. Borgdorff stelt dat ondanks mogelijke kortingen alle pensioendeelnemers er bij zijn fonds nog steeds van verzekerd kunnen zijn dat ze meer aan pensioen overhouden dan dat ze inleggen. "Dat is zeker drie a vier keer hoger."

Borgdorff zegt vooral zorgen te maken over de zzp’ers, die volgens hem ook moeten kunnen deelnemen aan pensioenfondsen. "Die krijgen anders een buitengewoon slecht pensioen."