AMSTERDAM - De VVD steunt een voorstel om het verbod op godslastering af te schaffen. Daarmee is er een meerderheid in de Tweede Kamer die van het verbod af wil. 

De VVD was aanvankelijk voor het schrappen van het verbod, maar trok de steun in tijdens de vorige kabinetsperiode.

De liberalen wilden de SGP niet bruuskeren, omdat de gedoogcoalitie met de PVV van de orthodox-gereformeerde partij afhankelijk was voor een meerderheid in de Eerste Kamer.

Nu steunt de VVD het voorstel weer. "De VVD is altijd voor dit voorstel geweest. Maar het is geen geheim dat in de vorige politieke constellatie dit voorstel niet bij iedereen op enthousiasme kon rekenen", zegt Kamerlid Joost Taverne.

Wetsvoorstel

Het schrappen van het verbod op godslastering, dat is ingevoerd in de jaren dertig van de vorige eeuw, wordt geregeld met een initiatiefwetsvoorstel van D66 en SP. Het voorstel is klaar om behandeld te worden door de Tweede Kamer.

D66 noemt het voorstel 'een mijlpaal in het strafrecht'. De partij zegt blij te zijn dat Nederland een stuk vrijheid van meningsuiting terugkrijgt.

'Geestelijke crisis'

SGP zegt het schrappen van het verbod een pijnlijk verlies van een morele ankerplaats en een symptoom van een geestelijke crisis te vinden.

Voor 'smalende godslastering', terug te vinden in artikel 147 van het Wetboek van Strafrecht, is al sinds 1968 niemand meer veroordeeld.

Jan de Wit van de SP, die het voorstel tegen het verbod heeft ingediend samen met Gerard Schouw van D66, zegt dat godslastering helemaal niet in het strafrecht thuishoort. ''Het is iets voor de liefhebber die erin gelooft''. Daarbij is het volgens hem ook knap lastig te bewijzen dat God belasterd is.

Het verbod op godslastering heeft zijn oorsprong in de tijd van het Oude Testament en hoort niet bij de huidige Nederlandse samenleving noch bij een neutrale overheid, aldus Schouw.