DEN HAAG - De nieuwe wet om uitkeringsfraude aan te pakken is te star. De Nationale ombudsman Alex Brenninkmeijer heeft dat maandag gezegd tegenover de NOS.

De wet regelt dat iemand die fraude pleegt met uitkeringen meteen heel zwaar bestraft wordt. Maar volgens de ombudsman is er niet altijd sprake van kwade wil.

Vaak hebben mensen de formulieren niet goed begrepen. Een hoge boete is dan niet op haar plaats, vindt hij.

Volgens de ombudsman hebben de gemeenten en uitvoeringsorganisaties als UWV en Sociale Verzekeringsbank ook kritiek op de wet. Zij vinden dat ze in individuele gevallen een eigen afweging moeten kunnen maken. Brenninkmeijer noemde de wet ''onuitvoerbaar''.

Fraudewet

De fraudewet, die per 1 januari van kracht wordt, bepaalt dat iemand die uitkeringsfraude begaat niet alleen het bedrag moet terugbetalen, maar ook een hoge boete krijgt opgelegd.

Het ministerie van Sociale Zaken zegt ''verbaasd'' te zijn over uitspraken van de ombudsman. Uit een toets van het UWV blijkt dat de wet wel uitvoerbaar en handhaafbaar is.

Gemeenten en UWV kunnen wel degelijk individueel bekijken of er sprake is van verminderde schuld of van schrijnende gevallen. ''Een tikfout leidt niet tot het stopzetten van een uitkering.''

Niet toloreren

Het ministerie onderstreept dat fraude met uitkeringen niet te tolereren is en daarom aangepakt moet worden.

''De regels zijn streng voor de kwaden, zodat er uitkeringen overblijven voor de goeden.'' Het departement wijst er ook op dat het aantal overtredingen van de regels rond uitkeringen fors toeneemt. In 2010 ging het om 119 miljoen euro, vorig jaar om 153 miljoen.