DEN HAAG - Nederland gaat extra hulp geven aan Syrische vluchtelingen.

Dat maakte minister Uri Rosenthal van Buitenlandse Zaken woensdag in een brief aan de Tweede Kamer bekend. Het gaat om 4 miljoen euro.

De regering noemt de humanitaire situatie ''zorgwekkend''. Daarom geeft ze 3 miljoen euro aan de Unhcr voor de opvang van vluchtelingen in onder meer Jordanië en Turkije. Verder krijgt ook het Nederlandse Rode Kruis 300.000 euro om hulp te geven aan Syriërs die zijn gevlucht naar de buurlanden.

Daarnaast is nog een miljoen voor de Stichting Vluchteling. Dat is bestemd voor medische hulp in Syrië zelf. Het gaat dan onder meer om medische apparatuur en babyvoeding. Daarmee komt het totaal aan humanitaire hulp dat de regering sinds begin dit jaar heeft gegeven op 11 miljoen euro.

Turkije

Rosenthal reist donderdag naar Turkije. Hij bezoekt dan een vluchtelingenkamp aan de Turks-Syrische grens. In Turkije verblijven al meer dan 80.000 Syrische vluchtelingen. Aan die stroom lijkt voorlopig nog geen einde te komen, meldt de Unhcr.

GroenLinks wil dat Rosenthal de VN en de buurlanden van Syrië aanbiedt om vluchtelingen op te nemen die zij geen opvang meer kunnen bieden.

Oppositie

Ook overlegt de bewindsman met de Syrische oppositie. De regering steunt de oppositie onder meer met communicatieapparatuur. Ook zijn er contacten met leden van de gewapende oppositie, het Vrije Syrische Leger. Militaire steun wordt echter niet gegeven.

De oppositie krijgt ook hulp om zich voor te bereiden op het tijdperk na president Bashar al-Assad. Onder meer met cursussen.

Om na de val van het huidige regime mensen ter verantwoording te kunnen roepen voor misdaden, is het van belang dat die schendingen nu al worden vastgelegd. Daarom wordt een centrum opgericht die deze schendingen gaat registreren. Rosenthal laat in de brief weten hieraan driekwart miljoen euro te zullen bijdragen.

Alles over de onrust in het Midden-Oosten