DEN HAAG - Assertief optreden in het buitenland en de nadruk van zijn ministerie op de bevordering van de economische belangen van Nederland in het buitenland zijn volgens demissionair minister Uri Rosenthal de belangrijkste wapenfeiten in de afgelopen kabinetsperiode.

De VVD-minister zei dat dinsdag in Nieuwspoort in Den Haag in een debat van de Atlantische Commissie over de positie van Nederland in de wereld.

Volgens de bewindsman heeft hij in een wereld moeten opereren die ''veel grilliger'' is geworden. Maar daarin weet nu wel iedereen waarvoor ons land staat, stelt Rosenthal. We lopen niet meer achter anderen als ''een schoothondje'' aan. Op het internationale toneel komen we nu met ad hok-coalities aan onze trekken, voegde hij eraan toe.

Rosenthal - die zei graag terug te willen keren als minister van Buitenlandse Zaken - zei dat de reputatie van het land niet achteruit is gegaan. We zijn een graag gezien land in het buitenland en worden internationaal serieus genomen als gesprekspartner. ''Er wordt naar Nederland geluisterd omdat men weet dat Nederland duidelijk voor zijn zaak staat.''

Van Bommel

Een kabinet waar de SP in komt te zitten, zal de mensenrechten weer centraal stellen, verklaarde SP-Kamerlid Harry van Bommel in het debat. De economische diplomatie mag wel ''een tandje minder''.

De VN en de internationale rechtsorde moeten naar zijn mening worden versterkt. En als die mensenrechten met militaire middelen beschermd moeten worden, zal de SP dat ''zeker positief overwegen'' als aan voorwaarden is voldaan.

Volgens Desiree Bonis, kandidaat-Kamerlid voor de PvdA, hoeft de economische diplomatie niet een tandje lager, maar heeft Rosenthal wel veel kansen laten liggen. Onder zijn beleid was economische diplomatie een holle term, stelde ze.

Kansen liggen onder meer in de Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara of China. En daar is Rosenthal niet een keer geweest, concludeert de oud-diplomate.

Alles over de verkiezingen op onze special