DEN HAAG - Minister Ivo Opstelten en de politiebonden hebben donderdagmiddag het eerder bereikte cao-akkoord officieel bekrachtigd met een handtekening.

In de afgelopen weken stemden de leden van de vier bonden, ACP, NPB, VHMP en ANPV, in met het akkoord. Dat ging volgens ACP en NPB wel met pijn in het hart.

In het akkoord staat dat zwaar en specialistisch werk extra wordt beloond, maar in ondersteunende afdelingen komt er de komende jaren geen geld bij.

Het gaat niet om structurele loonsverhoging; de politie houdt vast aan de nullijn. Daartegenover staat een garantie op werk.

Nullijn

Het valt de bonden vooral zwaar dat wordt vastgehouden aan de nullijn, omdat bijvoorbeeld in de cao voor gemeente- en provinciepersoneel daarvan is afgeweken.

''Voor ons is duidelijk dat de onvrede over de politiek en de politietop tot verontrustende hoogten is gestegen'', zei ACP-voorzitter Gerrit van de Kamp. Maar gezien het huidige economische klimaat is dit wel het hoogst haalbare, vinden ze.

Arbeidsrust

Opstelten zei dat de cao ''belangrijk is voor de arbeidsrust'' onder politiemensen. De cao heeft een looptijd van drie jaar. Hij beaamde dat het zeer moeizame onderhandelingen waren. ''Maar dat is ook logisch in een tijd waarin het economisch moeilijk gaat.''