DEN HAAG - Nederlandse militairen gaan vanaf het voorjaar ook buiten de stad Kunduz en het gelijknamige district Afghaanse politieagenten opleiden en begeleiden. 

Dat zal eerst gebeuren in het aangrenzende district Khan Abad en mogelijk daarna in andere delen van de provincie Kunduz.

Dat schrijft het kabinet in een brief over de politietrainingsmissie die maandag naar de Tweede Kamer is gestuurd. Tot nu toe gaven de Nederlanders praktijktraining aan agenten van de vier politiebureaus in Kunduz-stad.

Onvoldoende steun

Het kabinet heeft onderzocht of het mogelijk is soortgelijke activiteiten ook buiten de provincie Kunduz uit te voeren en daarnaast de grenspolitie te trainen. Maar daarvoor bestaat in Nederland onvoldoende politieke steun.

De praktijkbegeleiding in de stad Kunduz slaat volgens het kabinet aan. De inwoners reageren er over het algemeen positief op en ook de politieagenten zijn positief over de kennis en ervaring die de Nederlanders met hen delen, schrijven de verantwoordelijke bewindslieden van Buitenlandse Zaken, Defensie en Veiligheid en Justitie.

Amerikaanse en Kroatische eenheden maken volgens hen inmiddels gebruik van delen van het Nederlandse lesprogramma.

Trainingen

Behalve praktijktraining geven de Nederlanders ook een basistraining aan agenten. Ook leiden ze onderofficieren op en lopen Afghaanse politietrainers mee om de kneepjes van het vak te leren.

De missie, die tot midden 2014 duurt, is er verder op gericht om via allerlei programma's het Afghaanse rechtssysteem te versterken en de positie van vrouwen en religieuze en etnische minderheden te verbeteren.

De missie lag recent tijdelijk stil door de onrust in Kunduz die ontstond na koranverbrandingen op de Amerikaanse basis in Bagram. Volgens minister Uri Rosenthal van Buitenlandse Zaken hebben de Afghaanse politie en het leger in Kunduz ''effectief en proactief'' gereageerd op de demonstraties en rellen, waarbij in totaal acht burgers omkwamen.