NU.nl legde de vijf kandidaten voor het partijleiderschap van de PvdA zes dilemma's en drie korte vragen voor.

Klik op de naam voor het uitgebreide interview met deze kandidaat

Keihard oppositie of verantwoordelijkheid nemen waar nodig?

Nebahat Albayrak: “Keihard oppositie. De urgentie die ik voel is dat inkomensverschillen weer je kansen bepalen. Vanaf nu zeg ik: alles wat op ons af komt zal ik als pakket bekijken. Dat betekent dat de ruimte om onderdelen waar de PVV de rug keert naar de vrienden er niet meer is.”

Martijn van Dam: “Dat kan toch allebei. Verantwoordelijkheid nemen is nu keihard oppositie voeren tegen dit kabinet. Ik ben voor de PvdA die opereert in het belang van de kiezers. Die kiezers zitten niet te wachten op strategiegedoetjes. Laat zien waar je voor staat en handel daar naar.”

Lutz Jacobi: “Beide is waar. Ik ben van het soort dat vindt dat we moeten staan voor ons land. Geen enkele partij kan in zijn eentje de problemen oplossen. De verzorgingsstaat is in het geding dus we moeten wel scherp oppositie voeren, maar met een constructieve ondertoon. Mensen ergeren zich aan de bakken debatten, terwijl ondertussen de problemen niet worden opgelost.”

Ronald Plasterk: “Keihard oppositie voeren. Maar wij verkopen als PvdA geen sprookjes over de financiën. We zeggen dus niet zoals de SP en de PVV: die AOW-leeftijd kunnen we tot in de eeuwigheid op 65 laten staan. En alle sociaaldemocratische partijen in Europa zijn voor het steunen van de euro.”

Diederik Samsom: “Keihard oppositie voeren. Dat verantwoordelijkheid nemen komt wanneer het kabinet besluit om de koningin te bellen. Wij steunen het redden van de euro, maar niet de kale financiële agenda die Rutte met de euro bewandelt. Voor de steun willen wij wat terug. Als Rutte die agenda niet overneemt moet hij voor steun zoeken bij andere partijen.”

Europa is de toekomst of Europa regelt al genoeg?

Martijn van Dam: “Sommige dingen moeten wij Europees doen. Buitenlands beleid, grondstoffenhandel, energie. Daar gaat het de komende decennia over. Maar het is misgegaan omdat het harder is gegaan dan de Europeanen wilden. De agenda van Europa ging om grote multinationale ondernemingen. Als Europa draagvlak wil houden moet het op dit soort terreinen weer bevoegdheden inleveren.”

Lutz Jacobi: “Europa is de toekomst. Wij zijn een exportland en hebben belang bij een economie met open grenzen en een sterke euro en samenwerking op het terrein van veiligheid. Tegen wie dat ter discussie stelt zeg ik: daar hoor ik niet bij. De arbeidsmarkt moet op Europees niveau echt hard aan gebeukt worden. Economische eenheid vraagt om een sociale eenheid. Wel zeg ik: op andere terreinen slaat de macht van Europa weer door.”

Ronald Plasterk: “Europa is natuurlijk de toekomst. Voor het beteugelen van de financiële markten, het stabiel houden van de euro, het vrije verkeer van studenten en kennis de toekomst. Tegelijkertijd vind ik het van de gekke dat Brussel beslist of mensen in de bouw een t-shirt aan moeten doen als ze in de zon werken.”

Diederik Samsom: “Europa is de toekomst. Maar Europa regelt sommige zaken niet goed genoeg. Europa regelt nog niet dat de financiële markten beteugeld worden. Dat kan niet meer nationaal, kijk naar Icesave. De rechtse regeringen kijken alleen naar begrotingstekorten. Maar waar is de inzet op een socialer en democratischer Europa?”

Nebahat Albayrak: “Dan ga ik voor Europa is de toekomst. Voor onze economische groei en duurzaamheid hebben we de schaal van Europa nodig. Ik heb wel geleerd dat als landen toetreden tot de EU er in de praktijk verbetering moeten zijn doorgevoerd tegen criminaliteit, corruptie en de achterliggende economie. Het mogen niet alleen maar plannen zijn.”

Den Uyl of Bos?

Lutz Jacobi: “Den Uyl. Dat vond ik een prachtige combinatie van een grote leider op het terrein van sociale zekerheid, maar ook een goede volksvertegenwoordiger. Bos is lang minister van Financiën geweest, dat is een heel andere rol. Den Uyl heeft mijn hart geraakt.”

Ronald Plasterk: “Den Uyl. Hij was degene waardoor ik lid ben geworden. De geschiedenis heeft ons gelijk gegeven. De hele crisis is veroorzaakt door het doorgeschoten marktdenken. Nu moeten we dat omzetten.”

Diederik Samsom: “Bos. Ik heb over Den Uyl slechts gelezen en heb bewondering voor hem. Het gaat me daarbij niet om de inhoud, ik denk dat ik op dat punt zelfs iets dichter bij Den Uyl sta. Ik geloof dat ze voor dezelfde idealen streden, maar wel in een ander tijdsgewricht. Ik heb van Bos alles geleerd van wat ik in de politiek ben.”

Nebahat Albayrak: “Den Uyl. Het is heel simpel. We moeten terug naar het eerlijk delen van kennis, inkomen en macht. Niet als luxe, maar als voorwaarde voor een waardige samenwerking waarin iedereen het goed heeft. Lage verschillen zorgen voor maatschappelijke stabiliteit en veiligheid. Den Uyl heeft aan die verzorgingsstaat gewerkt.”

Martijn van Dam: “Bos. Den Uyl is van de jaren zeventig. Toen bepaalde de overheid wat goed voor je is. Nu willen we veel meer zelf de macht over hoe we ons leven invullen. De PvdA van de 21e eeuw zet niet zijn hakken in het zand als de wereld om zich heen verandert.”

Ontslagrecht moet blijven zoals het is of de ontslagbescherming kan wat minder?

Ronald Plasterk: “Moet blijven zoals het is, als je het dilemma zo voorlegt. Onder het ontslagrecht hangen een aantal andere fundamentele rechten. Scholing, zwangerschapsverlof. We moeten het niet hebben dat straks gezegd wordt: die scholing hou je, maar je bent wel ontslagen.”

Diederik Samsom: “Die moet blijven zoals het is en dat kan ook. Het is een totempaal in Den Haag, maar waar gaat het nou om? Als je als werkgever van iemand af wil dan kan dat gewoon op een fatsoenlijke manier. Werkgevers zeggen zelf ook dat dat geen punt is. De echte problemen van de arbeidsmarkt zitten aan de onderkant. Daar zitten schoonmakers die met nuluren-contracten door de gangen worden gejaagd.”

Nebahat Albayrak: “Ontslagbescherming kan wel wat minder, maar met een grote voorwaarde. Het systeem moeten we pas inleveren als we iets veel beters er voor terug krijgen. Arbeidsparticipatie en mobiliteit moet daarin centraal staan. Werkgevers worden gebonden aan afspraken die te maken hebben met investeren in werknemers, namelijk scholing.”

Martijn van Dam: “Durf met je tijd mee te gaan. 1 op de 3 werkenden heeft geen vaste baan en geen ontslagbescherming. Als die arbeidsmarkt verandert ga daar dan in mee, en accepteer dat een bepaald deel nooit een vast contract zal krijgen. Dus je hebt dan geen ontslagbescherming, maar bijvoorbeeld wel een hoger loon en snellere ww-opbouw.”

Lutz Jacobi: “Ik stel een plan van de arbeid voor om de arbeidsmarkt in zijn geheel te verbeteren. De positie van alle werknemers moeten hierin beschermd zijn. Een werknemer wil ook niet opgesloten zitten in zijn eigen zekerheden. Het gaat er om dat je als je ontslagen wordt in een goede positie bent om van werk naar werk te gaan.”

Wat is belangrijker: een grote PvdA of een linkse of progressieve coalitie?

Nebahat Albayrak: “Met een grote PvdA komt die progressieve, want dat is het, coalitie steeds dichterbij. Een zo breed mogelijke coalitie om een progressief kabinet dichterbij te brengen. Ik zie verschillen met de SP die nu niet overbrugbaar zijn. Kijk naar begrotingsbeleid, houdbaarheid pensioenen en Europa. Daar zullen ze moeten bewegen.”

Martijn van Dam: “Dat Nederland op een progressieve manier bestuurd wordt is het uiteindelijke doel. Wij hebben altijd de ambitie gehad om groepen met elkaar te verbinden. En daarom is de PvdA de enige die die progressieve coalitie kan leiden. Geen linkse samenwerking, dat is een wezenlijk verschil. Progressieve partijen zijn niet bang voor de veranderingen in de samenleving.”

Lutz Jacobi: “Onze partij moet een brede beweging worden en daar waar we kunnen praktisch samenwerken. Om te zorgen dat we als overheid meer zeggenschap krijgen in sectoren waar we veel geld in steken. Denk aan de zorg, de woningmarkt, de banken, de arbeidsmarkt. Ik ben van de Hans Spekman-soort die zegt dat we terug moeten naar de honderdduizend leden. Dat kunnen we bereiken door goeie linkse samenwerking.”

Ronald Plasterk: “Dat eerste vind ik op dit moment belangrijker. Ik denk dat dat in hoge mate bijdraagt aan het tweede. Dat zal mijn doelstelling zijn. Dan kunnen we het voortouw nemen en met onze linkse vrienden optrekken.”

Diederik Samsom: “Een grote PvdA is een noodzakelijke voorwaarde voor het tweede. Ik ben zelf ooit initiatiefnemer geweest voor een Ander Nederland met GroenLinks en SP. Ik ben tot de conclusie gekomen dat de kracht van die drie partijen groter is als ze alledrie hun eigen koers varen. Allemaal links van het midden, alledrie progressief. Dat samenvoegen verzorgt die meerderheid niet.”

Stel, de PvdA moet fuseren, met welke partij?

Martijn van Dam: “GroenLinks. Die partij is sociaal en vooruitstrevend. Het risico is alleen dat ze alleen de vragen kennen van mensen die het heel goed hebben. Wij zijn een veel bredere partij.”

Lutz Jacobi: “GroenLinks, SP, D66. In hoofdlijn hebben we daar het meeste verwantschap mee. Misschien het CDA met haar nieuwe koers.”

Ronald Plasterk: “Programmatisch zit GroenLinks het dichtste bij.”

Diederik Samsom: “Wij moeten niks. Bij welke partij passen we programmatisch het best? Dat zijn GroenLinks en SP in gelijke mate.”

Nebahat Albayrak: “Niet. Het gaat niet om wat we worden, maar wie we zijn. Als het er om gaat wie het best bij ons past denk ik aan het het CDA na het strategisch beraad. Verder D66. Je kunt ze aftellen. Als we de krachten bundelen dan komen we er wel.”

In 1 zin hoe we uit de crisis komen?

Lutz Jacobi: “Door hervormen en een plan voor Nederland.”

Ronald Plasterk: “We moeten maatregelen nemen voor de langere termijn, waardoor Nederland een sterker land wordt en tegelijkertijd op de korte termijn de financiën op orde brengen.”

Diederik Samsom: “Via solidaire hervormingen om de economie sterker te maken.”

Nebahat Albayrak: “Door naast de bezuinigingen die nodig zijn ook te hervormen en te investeren.”

Martijn van Dam: “We moeten de mogelijkheden in Nederland voor innovatief ondernemerschap ondersteunen om te zorgen voor banen en economische groei.”

In 1 zin waarom mensen op u moeten stemmen?

Ronald Plasterk: “Ik denk dat ik het beste in staat ben een alternatief te vormen voor de regering Rutte, omdat ik ervaring heb in leiding geven en het is essentieel dat je die ervaring hebt, zeker als je het land wil leiden.”

Diederik Samsom: “Omdat ik de energie, de overtuigingskracht en de ideeën heb om van de PvdA weer een sterke partij te maken, en een sterke PvdA is nodig om dat andere Nederland te realiseren.”

Nebahat Albayrak: “Omdat de krachten bij de kandidaten nu echt gebundeld moeten worden en ik degene die succesvol de samenwerking bij de andere partijen kan opzoeken om een kabinet te vormen die het optimisme terugbrengt.”

Martijn van Dam: “Omdat ze iets willen veranderen en een nieuwe PvdA en een nieuw Nederland willen met hoop, optimisme en een leven voor hun kinderen dat beter is dan dat van henzelf.”

Lutz Jacobi: “Ik ben recht toe, recht aan en heel sociaal.”