'Regering langs rand van wet voor militaire inzet'

AMSTERDAM - De regering zoekt de grenzen van de wet op bij de informatievoorziening over nieuwe militaire missies.

Dat blijkt uit promotieonderzoek van rechtsgeleerde Anamarija Kristic voor de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

Opeenvolgende kabinetten hebben tot op het laatst gewacht met het informeren van de Tweede Kamer over de inzet van Nederlandse troepen, stelt Kristic op basis van onderzoek naar twee Nederlandse militaire missies in Afghanistan en de missie Allied Force in Kosovo. Zo is de invloed van de Kamer beperkt.

Kritisch

De Tweede Kamer zelf is niet kritisch genoeg over de militaire operaties. Parlementariërs zijn dikwijls 'volgend en reactief'. Kamerleden zijn volgens Kristic juist naïef over de manier waarop de regering zijn grondwettelijke informatieverplichting nakomt. Parlementariërs gaan er van uit dat deze regel ze meer mogelijkheden geeft tot betrokkenheid.

Kristic constateert ook dat verschillende kabinetten op internationaal niveau toezeggingen deden aan bondgenoten, waar ze vervolgens niet meer onder uit konden. Kamerleden zouden zich ondanks deze praktijken niet buitenspel moeten laten zetten, vindt Kristic.

De Tweede Kamer heeft formeel gezien geen inspraak op besluiten over militaire deelname. Wel is de regering volgens artikel 100 van de grondwet verplicht parlementariërs vooraf te informeren.
 

Tip de redactie