DEN HAAG - Woningbouwcorporaties moeten hun huizen te koop aanbieden aan bewoners die ze al meer dan een jaar huren.

Dat staat in een wetsvoorstel, dat minister van Binnenlandse Zaken Liesbeth Spies vrijdag naar de Raad van State heeft gestuurd voor advies.

De huizen van de corporaties worden bewoond door een veel grotere groep mensen dan voor wie ze zijn bedoeld: 2,4 miljoen tegen 1,9 miljoen.

De plannen moeten het eigenwoningbezit bevorderen en geld opleveren voor investeringen door de corporaties.

Amsterdam

De Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties hoopt dat het voorstel ''alsnog van de baan gaat’’. Dat zou namelijk ''slecht voor de volkshuisvesting’’ zijn.

''Corporaties kunnen zelf niet meer bepalen welke woningen zij willen verkopen en welke niet. Het risico is dan groot dat de beste woningen worden verkocht en de slechtste overblijven voor de sociale verhuur. Ook kunnen geen garanties meer worden gegeven dat er voldoende woningen beschikbaar blijven voor de laagste inkomens.’’

Onrealistisch

De federatie noemt het kabinetsplan ook ''onrealistisch’’. In Amsterdam is de afgelopen jaren gebleken dat zittende bewoners ''maar mondjesmaat’’ hun woningen kopen, ook als ze een aanbod krijgen.

De gemeente Amsterdam is evenmin blij met de plannen. Verantwoordelijk wethouder Freek Ossel (PvdA) is het met het kabinet eens dat het eigenwoningbezit moet toenemen en hij is daar ook mee bezig.

Volgens hem is hier echter maatwerk voor nodig, terwijl het kabinetsvoorstel lijkt op ''een schot hagel’’.