DEN HAAG - Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) mag blijven bestaan. Dat heeft minister Melanie Schultz van Haegen (Infrastructuur) vrijdag bekendgemaakt.

Eerder dit jaar verbond de minister voorwaarden aan het voortbestaan van het CBR. Het instituut, dat valt onder het ministerie van Infrastructuur, had zijn financiën niet op orde en kende 'moeizame arbeidsverhoudingen'.

Volgens Schultz heeft het CBR voldoende verbetering laten zien en voldoet het instituut aan alle voorwaarden. ''Ik ben blij dat de directie, de raad van toezicht en de medewerkers erin geslaagd zijn om in een relatief korte periode het tij te keren.''

Maar ze vindt wel dat de organisatie ''moet doorpakken'' en zal het CBR dan ook kritisch blijven volgen en zo nodig bijsturen.

Pensioenregeling

Een belangrijk punt van verbetering is volgens de minister dat de pensioenregeling is versoberd. De dure eindloonregeling had het CBR op korte termijn in grote financiële problemen kunnen brengen. Ook zijn de prestaties bij het instituut verbeterd op alle vier de onderdelen: rijvaardigheid, rijgeschiktheid, theorie en ccv (transportsector).

Wel moet het CBR nog professioneler worden als het gaat om de service aan klanten. Op dat terrein valt volgens Schultz nog veel winst te behalen.

In de afgelopen jaren is al ingegrepen bij het CBR. Drie leden van de raad van toezicht legden hun functie neer. In 2010 zijn drie nieuwe leden van die raad benoemd en is er een nieuwe directie aangetreden.