AMSTERDAM - Lodewijk Asscher is bepaald niet te spreken over de manier waarop in Nederland wordt aangekeken tegen prostitutie.

De Amsterdamse PvdA-wethouder stelt dat veel bestuurders en opiniemakers de misstanden ontkennen en volhouden dat alles in orde is.

De 37-jarige locoburgemeester spreekt in een interview met Trouw van een 'collectieve zwijgafspraak', voortkomend uit de angst om als 'fatsoensrakker' of 'preuts' te worden neergezet.

"Het is een nationale vergissing dat onze omgang met prostitutie thuishoort in het rijtje vrijheid, blijheid en tolerantie. Die gedachte strookt niet met de werkelijkheid."

Comfortfeministen

Mensenhandel en dwang tieren welig in de Amsterdamse hoerenbuurt. De meeste mensen zijn volgens Asscher nauwelijks op de hoogte van de 'ruwe werkelijkheid in de peeskamer'. Ook 'comfortfeministen' zijn niet kritisch en bagatelliseren de problemen.

Asscher probeert het Wallengebied al jaren te ontdoen van criminele figuren en andere ongewenste elementen. In dit 1012-project worden onder meer panden opgekocht en vergunningen minder eenvoudig verstrekt.

Prostitutiewet

De Eerste Kamer velt de komende weken een oordeel over de nieuwe prostitutiewet, die Asscher beschouwt als de laatste kans om de legale prostitutiesector op orde te krijgen. Mocht ook dit falen, dan is een verbod een mogelijkheid.

De wethouder stelt in de krant dat een prostitutieverbod in Zweden een mentaliteitsverandering teweeg heeft gebracht.