AMSTERDAM - GroenLinks-Kamerlid Mariko Peters heeft nog geen knoop doorgehakt over het nemen van juridische stappen tegen HP/De Tijd.

Dat blad publiceerde woensdag een verhaal waarin zij wordt beschuldig van betrokkenheid bij kinderontvoering en belangenverstrengeling. In een korte verklaring liet Peters diezelfde dag weten dat er niets van het stuk klopt en dat zij zich bezint op eventuele juridische stappen.

Een woordvoerder van GroenLinks meldt zondag dat het beraden vijf dagen later nog steeds gaande is. Onduidelijk blijft op grond waarvan eventuele juridische stappen genomen worden en op grond van welke afwegingen hier wel of niet toe wordt besloten.

Beraden

"Peters en haar partner beraden zich. Meer kan ik er op dit moment niet over zeggen", zegt de woordvoerder, die verder niet op de kwestie wil ingaan. Onduidelijk is ook of er nog een andere verklaring van Peters of van fractievoorzitter Jolande Sap volgt.

In het stuk in HP/de Tijd wordt Robert Kluijver, de partner van Peters, beschuldigd van het ontvoeren van zijn eigen kinderen.

Drie kinderen uit zijn eerdere huwelijk zouden al maanden in de woning van Peters en haar partner verblijven. De in Groot-Brittannië wonende moeder zou ze terug willen.

Vriendjespolitiek

Daarnaast zou Peters zou zich ook schuldig hebben gemaakt aan vriendjespolitiek. Toen ze als diplomate in de Afghaanse hoofdstad Kabul werkte, kreeg ze volgens het blad een relatie met haar huidige partner.

Zijn organisatie vroeg in 2005 subsidie aan bij het Prins Claus Fonds. Het fonds zou de ambassade in Kabul vervolgens om advies hebben gevraagd. Peters hielp hem hierbij, waarna er 38 duizend euro subsidie werd verstrekt.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken onderzoekt de mogelijke belangenverstrengeling. Overigens staat Kluijver in het bestand van externe deskundigen die door datzelfde ministerie worden ingehuurd, zo meldde Novum Nieuws vrijdag.

De woordvoerder wilde niet zeggen of het departement van zijn diensten gebruikmaakt. Of het onderzoek gevolgen heeft voor Kluijvers mogelijke werkzaamheden voor het ministerie, kon de woordvoerder van Buitenlandse Zaken ook niet zeggen.