DEN HAAG – De EU moet meer macht krijgen om in te grijpen in de begroting en de economie van een lidstaat om te voorkomen dat andere landen of de Euro gevaar lopen.

Dat willen D66-Kamerlid Wouter Koolmees en GroenLinks-Kamerlid Bruno Braakhuis.

Donderdag komen de Kamercommissies van Financiën en Economische Zaken terug van reces om de Europese top over de Griekse crisis, die eveneens donderdag begint, voor te bespreken.

Tijdens het beraad van Europese regeringsleiders is een totaaloplossing van de eurocrisis de inzet. Onderdeel daarvan is een uitbreiding van het steunfonds voor Griekenland. Nederland en Duitsland vragen hierbij een bijdrage van de banken, pensioenfondsen en verzekeraars.

Ministerie

GroenLinks en D66 stellen, zoals eerder geopperd door ECB-president Trichet, een Europees ministerie van Financiën voor die de begrotingen van alle lidstaten moet goedkeuren om te voorkomen dat landen in de problemen kunnen komen.

Ook moet dit instituut streng toezien op de economische ontwikkelingen en de concurrentiekracht van de diverse landen, om te voorkomen dat deze te veel uit elkaar gaan lopen.

“We staan op een T-splitsing en moeten kiezen: gaan we linksom of rechtsom”, stelt Braakhuis. “Of er gaat meer macht naar Brussel om de begrotingsdiscipline te kunnen waarborgen of we trekken de stekker uit de monetaire unie.”

Volgens de GroenLinks'er is bijsturen bij landen die in de problemen zijn gekomen niet genoeg om de stabiliteit te kunnen waarborgen. “Griekenland heeft ons mooie verhalen voorgehouden. Dat hadden we vooraf beter kunnen controleren.”

Koolmees noemt het een gevaar dat landen op eigen houtje beslissingen kunnen nemen die grote gevolgen hebben voor Nederland.

Concurrentiekracht

De problemen in Ierland en Spanje vragen volgens de twee Kamerleden bovendien dat er verder gekeken moet worden dan alleen naar de schulden in een land.

"Deze landen scoorden juist goed op de overheidsfinanciën, maar doordat er in de vastgoedmarkt van alles fout zat is die zeepbel gaan knappen", aldus Koolmees.

Hij stelt daarom dat het centrale gezag ook moet kunnen afdwingen dat een land zijn concurrentiekracht verbetert. "Dat land kan dan bijvoorbeeld kiezen om de AOW-leeftijd te verhogen, of de lonen te matigen. Maar het kan niet vrijblijvend zijn en het land moet dan tijdig orde op zaken stellen."

Volgens hem worden er in de EU al plannen ontwikkeld die dit gaan regelen, maar durft niemand dit toe te geven. Met name de PVV verweert zich altijd fel tegen het uitbreiden van de bevoegdheden van de Europese Unie.

Volgens Braakhuis is het daarnaast wenselijk dat er afstemming komt over gezamenlijk belastingbeleid voor bedrijven om te voorkomen dat landen elkaar hierop gaan beconcurreren.

Plasterk

PvdA-Kamerlid Ronald Plasterk kan zich een heel eind vinden in de lijn van Braakhuis en Koolmees, maar wil geen nieuwe discussie over instituties.

"Het is cruciaal dat Europa en de eurozone stabiel worden en blijven, maar ik wil niet weer beginnen met het optuigen van instituties. We moeten bij elk geval apart het nut en de noodzaak bekijken van het bij Europa neerleggen van de bevoegdheid", stelt hij.

"Ik vind het te ver gaan dat Europa zou kunnen bepalen hoe wij hier het ontslagrecht, het minimumloon en de pensioenleeftijd regelen."

De coalitie van CDA en VVD kan in de eurocrisis op weinig steun rekenen van gedoogpartner PVV en is daarom gedwongen ook te luisteren naar de wensen van de oppositie.

Lees alles over de schuldencrisis op onze special