DEN HAAG - De rechtbank in Den Haag heeft de weg vrijgemaakt voor de door het kabinet geplande verhoging van de btw op de podiumkunsten van 6 naar 19 procent.

Dit blijkt uit een vonnis dat woensdag op Rechtspraak.nl is gepubliceerd.

Een groot aantal koepelorganisaties van theatermakers en podia had de zaak voor de rechter gebracht.

Zij stelden dat het niet eerlijk is dat andere vrijetijdsbestedingen zoals dierentuinen, circussen, bioscopen en sportevenementen geen btw-verhoging krijgen opgelegd. Maar de rechtbank vindt dat die vergelijking niet opgaat.

Oneerlijke concurrentie

De belangenverenigingen stelden onder meer dat er sprake is van fiscaal oneerlijke concurrentie, omdat de andere activiteiten vergelijkbaar zouden zijn met die van de podiumkunsten. Europese regels zouden verbieden dat verschillende activiteiten op hetzelfde vlak fiscaal verschillend zouden worden behandeld.

Het is een nieuwe domper voor de kunstensector, die vorige week van staatssecretaris Halbe Zijlstra te horen kreeg dat hij 200 miljoen euro gaat bezuinigen op het kunstenbudget.

Volgens de sector betekent deze sanering een enorme kaalslag van de cultuursector, die gepaard gaat met vele duizenden ontslagen.

Daar bovenop zou de kaartverkoop enorm afnemen wanneer de prijs van de theaterkaartjes wordt verhoogd, zoals het kabinet per 1 juli wil doen.

Hoger beroep

De Vereniging van Vrije Theater Producenten (VVTP), een van de initiatiefnemers van de rechtszaak, kon woensdag nog niet zeggen of de belanghebbenden in hoger beroep gaan.

Maandag debatteert de Tweede Kamer over de voorgenomen bezuinigingen van het kabinet op cultuur. Voorafgaand aan dit debat organiseert de kunstensector als laatste noodkreet een 'Weekeinde der Beschaving', dat moet uitmonden in een grote mars naar het Binnenhof in Den Haag.