Korpschefs geven onterechte vergoeding terug

DEN HAAG - De korpschefs en plaatsvervangers die financiële vergoedingen hebben ontvangen waarop ze geen recht hadden, betalen het geld alsnog terug. Minister Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie) heeft dat donderdagavond aan de Tweede Kamer geschreven.

Opstelten had niet de bevoegdheid om het geld terug te eisen, maar is wel met de betrokkenen in gesprek gegaan. Samen zijn ze tot de conclusie gekomen dat terugbetaling plaats hoort te vinden.

''Hiermee tonen zij zich bewust van de positie die zij binnen de politie bekleden en wordt blijk gegeven van het grote belang van een integere politie, in woord, daad en uitstraling. Dat waardeer ik zeer'', aldus de VVD-minister in zijn brief.

Het gaat om zeven (plaatsvervangend) korpschefs die volgens de Rijksauditdienst in totaal acht onterechte vergoedingen hadden gekregen.

Representatiekosten

Opstelten meldt nu dat vijf personen het geld alsnog gaan terugbetalen. Een ander, het huidige D66-Kamerlid Magda Berndsen, had daartoe al besloten. De toekenning van de zevende persoon blijkt bij nader inzien toch te rechtvaardigen.

In vijf gevallen ging het om te hoge toelages voor representatiekosten, in twee gevallen om een vergoeding voor dubbele woonlasten en één keer om een compensatie voor belastingheffing. 

De Raad van Korpschefs staat achter de verrekening. ''Met tevredenheid stelt de Raad vast dat de (plaatsvervangende) korpschefs hiermee hun verantwoordelijkheid als vertegenwoordigers van de publieke zaak hebben genomen en dat de minister van mening is dat de betrokkenen integer hebben gehandeld'', aldus de Raad donderdag in een verklaring.

Tip de redactie