Kamp heeft AOW-leeftijd van 68 jaar in beeld

DEN HAAG - Door de toenemende levensverwachting stijgt volgens minister Henk Kamp (Sociale Zaken) de AOW-leeftijd mogelijk verder naar 68 jaar in 2040. Dat zei de VVD-bewindsman woensdag tijdens een pensioendebat in de Tweede Kamer.

In het regeerakkoord van het minderheidskabinet van VVD en CDA met gedoogsteun van PVV staat dat in 2020 de AOW-leeftijd van 65 naar 66 jaar gaat. Daarmee houdt het voor de PVV op.

De gedoogpartij wilde eigenlijk niet tornen aan de AOW.

Maar het minderheidskabinet en een groot deel van de oppositie wil aanhaken bij het pensioenakkoord van werkgevers en vakbonden van juni vorig jaar. Daarin is afgesproken de AOW-leeftijd te koppelen aan de stijgende levensverwachting.

Daardoor stijgt de AOW-leeftijd verder na 2020 en komt die in 2025 uit op 67 jaar. Voor 2040 is volgens Kamp ''68 jaar in beeld''.

Uitkering

Kamp ziet maar beperkte financiële mogelijkheden voor een hogere AOW-uitkering, waarop de vakcentrale FNV deze week weer eens heeft aangedrongen.

FNV-voorzitter Agnes Jongerius maakte maandag bekend dat de vakcentrale besloten heeft het overleg over hervorming van het pensioenstelsel te hervatten.

Daarbij maakte ze duidelijk dat Kamp meer bereidheid moet tonen om de AOW-uitkering welvaartsvast te maken door deze te laten meestijgen met de lonen.

De minister wil daarover verder praten. Hij vindt wel dat er ook meer begrip moet zijn voor de moeilijke financiële positie van de overheid en dat er overal moet worden bezuinigd. Voorstellen van de vakbeweging om de hogere AOW-uitkering te betalen zijn volgens hem niet afdoende.

Welvaartsvast

Werkgevers en vakcentrales hebben in hun akkoord vorig jaar juni afgesproken dat de AOW-uitkering welvaartsvast moet worden gemaakt bij het verhogen van de pensioenleeftijd. Toen is onder meer geopperd de hogere uitkering te financieren door de afschaffing van extraatjes die AOW'ers krijgen voor hun koopkracht.

PvdA-Kamerlid Roos Vermeij en haar ChristenUnie-collega Arie Slob zeiden te vrezen voor negatieve koopkrachteffecten, als extraatjes voor ouderen verdwijnen.

GroenLinks-Kamerlid Jesse Klaver waarschuwde op zijn beurt dat jongeren en werkenden niet te veel moeten opdraaien voor een hogere uitkering, waarvan ze misschien zelf niet meer kunnen genieten. Hij vindt dat rijkere ouderen meer kunnen meebetalen door fiscalisering van de AOW.

Sterkste schouders

Kamp ziet het niet zitten rijkere ouderen meer te laten betalen. Hij stelde dat een steeds groter deel van de AOW wordt betaald via belastingen en dat daarin al het principe 'de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten' geldt.

Door de vergrijzing zijn er steeds minder werkenden om de AOW-premie op te brengen: nu staan er nog vier werkenden tegenover één gepensioneerde en in 2040 nog maar twee. Daardoor moet steeds meer worden bijgepast uit de algemene middelen.

Volgens Kamp wordt nu 35 procent betaald uit de algemene middelen en is dat straks 60 procent. Het beslag dat de AOW op de algemene middelen legt, stijgt van 5 naar 8 procent.

Lees meer over:
aow
Tip de redactie