DEN HAAG - Als Nederland nu het tweede testtoestel van de Joint Strike Fighter (JSF/F-35) zou kopen, kost dat 99,2 miljoen euro. Dat is inclusief de motor. Hierbij is uitgegaan van de huidige dollarkoers.

Dat heeft minister Hans Hillen van Defensie dinsdag in een brief aan de Tweede Kamer laten weten.

Het kabinet van VVD en CDA wil een tweede testtoestel kopen, zo is al in het regeerakkoord gemeld. Gedoogpartij PVV steunt deze aankoop, zodat er een meerderheid voor is.

Hillen wacht nog op meer informatie en zal binnenkort de Tweede Kamer een besluit voorleggen.

Definitieve prijs

De definitieve prijs wordt vastgesteld op het moment dat het contract wordt gesloten, waarschijnlijk over enkele maanden.

Het blijft overigens nog bij testtoestellen, want een volgend kabinet zal pas kiezen wat de opvolger wordt van de F-16. Defensie wil graag de JSF en gaat uit van 85 toestellen.

Het vorige kabinet had het eerste testtoestel aangeschaft en deels aanbetaald. Dat kostte 113,2 miljoen euro (prijspeil 2008), maar doordat de dollar daalde, kwam het bedrag uiteindelijk lager uit op 99,7 miljoen euro.

Bodemloze put

De PvdA, SP, GroenLinks en D66 willen dat Nederland uit de testfase stapt, bleek onlangs opnieuw in een debat. Zij vinden dat het een bodemloze put is geworden, omdat de ontwikkeling in de Verenigde Staten met veel tegenslagen gepaard gaat.

Nederland doet al ruim acht jaar mee aan de ontwikkeling van het gevechtstoestel. In ruil voor een investering van 800 miljoen euro kreeg Nederland daar opdrachten voor de industrie voor terug.

Onlangs maakte Hillen bekend dat de prijs voor de JSF 1,4 miljard euro hoger wordt dan de 6,2 miljard euro die was geraamd. De testexemplaren zijn duurder dan de gewone JSF-toestellen. De aanschafkosten daarvan komen vooralsnog uit op 59,7 miljoen euro per stuk.