DEN HAAG - Bij het verzamelen van persoonsgegevens om terrorisme te bestrijden, moet altijd helder zijn waarom dat nodig is en wat het oplevert. De afgelopen jaren is dit niet altijd voldoende gebeurd.

Maar om genoeg draagvlak te krijgen voor terrorismebestrijding moet wel altijd volkomen helder zijn waarom persoonsgegevens van burgers verzameld moeten worden.

Dat staat in een onderzoek van de Radboud Universiteit Nijmegen naar de maatregelen die de laatste tien jaar zijn genomen om terrorisme te bestrijden.

Minister Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie) heeft het onderzoek vrijdag naar de Tweede Kamer gestuurd. De terugblik moest in kaart brengen of de maatregelen echt nodig waren, of ze op elkaar afgestemd waren en of ze genoeg effect sorteerden.

Privacy

In grote lijnen zijn de onderzoekers tevreden over deze punten, al mag het nut van maatregelen die de privacy lijken aan te tasten nog wel wat beter voor het voetlicht gebracht worden. Anders kan het gebeuren dat veiligheid en privacy elkaar lijken uit te sluiten, concluderen de onderzoekers.

Een deel van de Tweede Kamer had problemen met plannen om persoonsgegevens te verzamelen van passagiers die van en naar de Europese Unie vliegen.

Intrekken

Ook tegen een wet waarmee autoriteiten mogelijk terroristische acties kunnen voorkomen, bestond weerstand. Opstelten schrijft aan de Kamer deze wet te willen intrekken omdat er al andere maatregelen zijn genomen om terrorisme in de kiem te smoren.

Mensenrechten

Uit een onderzoek van de Radboud Universiteit Nijmegen blijkt dat de maatregelen tegen terrorisme op zichzelf niet in strijd zijn met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Wel bestaat tegelijkertijd het risico dat toepassing van de maatregelen in specifieke gevallen de mensenrechten kan schenden omdat deze toepassing in een democratische samenleving niet noodzakelijk is.

De samenhang van alle acties tegen terrorisme kan nog beter worden met een 'nationale contraterrorismestrategie' waarmee Opstelten wil komen. Verder wil hij voortaan elke vijf jaar gaan kijken hoe het ervoor staat met de terrorismebestrijding.