DEN HAAG - Vorig jaar zijn bijna achthonderd wethouders vertrokken, de meesten rond de collegeonderhandelingen.

Dat blijkt het jaarlijkse onderzoek van het blad Binnenlands Bestuur. Nederland telt 1480 wethouders.

Bij de formatie van de nieuwe colleges na de raadsverkiezingen van 3 maart werden 685 wethouders vervangen. Zeventig wethoudersposten werden geschrapt door bezuinigingen. Dertig posten verdwenen door gemeentelijke herindelingen.

Bovendien verdwenen tussentijds veertig wethouders na een politiek vertrouwensconflict. Na de formatie ging het om 28 wethouders. Een aantal ging ander werk doen.

Crisis

Jack van der Hoek was in Uitgeest de eerste wethouder die na de raadsverkiezingen en collegevorming tussentijds opstapte. Ruim een week na zijn benoeming vertrok hij alweer om aan de slag te gaan in Haarlem als wethouder-van-buiten.

Na de collegevorming kwamen al acht colleges in een crisis terecht. In Amersfoort, Menterwolde, Leeuwarderadeel, Mill, Voerendaal, Maastricht, Neerijnen en Eijsden ging het al snel mis. Nooit eerder begon een collegeperiode met zoveel coalitiecrises.