'Vervreemding tussen ChristenUnie en achterban'

DEN HAAG – De ChristenUnie lijkt sinds 2006 te vervreemden van de achterban. Dat valt te lezen in het woensdag verschenen evaluatierapport naar aanleiding van de teleurstellend verlopen verkiezingen.

Bij de verkiezingen op 9 juni verloor de ChristenUnie één zetel. De partij had, mede door het werk in het kabinet Balkenende 4, gerekend op verkiezingswinst.

De regeringsdeelname wordt genoemd als een van de oorzaken voor de vervreemding, maar ook het geleidelijke verlies van de focus op de regionale afdelingen wordt als belangrijke oorzaak genoemd.

“Het zoeken naar interactieve verbinding met de achterban kreeg te weinig prioriteit en leidde tot minder loyaliteit”, valt er te lezen.

Regeringsdeelname

Ook is het rapport kritisch over de regeringsdeelname. Zo is de partij er onvoldoende in geslaagd in het kabinet Balkenende 4 het profiel scherp te houden. Ook had partijleider Rouvoet niet tot het kabinet moeten toetreden, maar in de Tweede Kamer moeten blijven.

De campagne gaf kiezers 'geen aanleiding om een principiële keuze te maken', omdat de partij niet herkenbaar was als 'uitgesproken christelijke partij met dat onderscheidende profiel'.

“Dat werd versterkt door de bestuurlijke toonzetting. De passie ontbrak”, aldus het rapport.

Onbehagen

Daarnaast wordt de partij verweten de wereld te veel vanuit zichzelf te beschouwen. “De partij denkt van binnen naar buiten en niet andersom. Kiezers hebben het idee dat de ChristenUnie het gevoel van onbehagen in de samenleving niet herkent en erkent.”

Als voorbeeld wordt genoemd dat de partij tijdens de campagne nauwelijks meedeed in het debat over islam en de economische crisis.

"Door het (...) onvermogen om de kenmerkende en unieke thema’s van de ChristenUnie te agenderen, kreeg de partij in de beeldvorming onbedoeld een positie aan de linkerkant van het midden."

Ook zou partijleider Rouvoet in de campagne te weinig aanwezig zijn geweest.

Herkenbare analyse

Rouvoet noemt het rapport 'een heel herkenbare analyse van wat er goed ging en vooral wat er beter had gemoeten tijdens de campagne'.

Hij wijt de kritiek dat hij te weinig beschikbaar was voor de campagne aan zijn werk als demissionair minister van twee ministeries. "Dat wás natuurlijk ook gekkenwerk en heeft onmiskenbaar z'n effect gehad op onze campagne en op de uitslag", aldus Rouvoet.

Inmiddels is de fractie in de Tweede Kamer al bezig met het werken aan een 'herkenbare profilering als principiële christelijk-sociale partij.

Lees meer over:
Tip de redactie