AMSTERDAM - De effectiviteit van de Tweede Kamer staat onder druk door de toename van het aantal spoeddebatten, moties en schriftelijke vragen. Daarvoor waarschuwt fractievoorzitter Andre Rouvoet van de ChristenUnie. 

"Voor je het weet worden die wapens bot. Ik denk dat we er als Kamer goed over moeten nadenken of we op deze weg moeten doorgaan."

Rouvoet kwam in 1994 in de Tweede Kamer en werd in 2006 minister van Jeugd en Gezin in het kabinet Balkenende IV. Sinds september is hij weer terug in de Kamer en hij signaleert meer spoeddebatten, moties en vragen dan voor zijn ministerschap.

"Vroeger betekende een aangenomen motie echt een overwinning van de Kamer. Nu worden er bij een begroting zo maar 60 moties ingediend en die worden vaak schriftelijk van een antwoord voorzien door de regering. Het gros wordt verworpen", aldus Rouvoet.

"We moeten uitkijken dat we onze onmacht gaan etaleren door het indienen van moties, die allemaal verworpen worden en het aanvragen van spoeddebatten waar niets uitkomt."

Vragenuurtje

Rouvoet verbaast zich ook over de invloed van het vragenuurtje, dat live wordt uitgezonden op televisie.

"Van onderwerpen die niet worden geagendeerd voor dat vragenuurtje, hoor je vaak niets meer terug. Het gegeven dat het live op televisie wordt uitgezonden en dat Nederland
live mee kan kijken, is ongetwijfeld ook een afweging om dingen aan de orde te stellen."

De oud-minister vindt dat ieder Kamerlid 'het volste recht' heeft om vragen te agenderen, alleen vraagt hij zich af of het werk soms niet beter op een andere manier kan worden gedaan. "Een iets minder zichtbare behandeling van een onderwerp kan veel effectiever zijn."

De regels hoeven voor Rouvoet niet te worden aangescherpt, wel roept hij op tot een andere werkethiek. "Het is een kwestie van zelfreflectie bij de Kamer en de Kamerleden. Houd het een beetje werkbaar met elkaar."