DEN HAAG - Defensie haalt uit voorzorg tientallen vliegtuigmotoren terug die in de jaren tachtig en negentig aan scholen waren uitgeleend om aan te sleutelen. Dat gebeurt nadat bij de motor van de F-104 Starfighter een ''geringe hoeveelheid'' radioactieve straling was gemeten.

Ook bevat deze motor asbestvezels, die vrijgekomen kunnen zijn.

Dat heeft minister Hans Hillen van Defensie vrijdag aan de Tweede Kamer geschreven. De straling werd vorige week donderdag ontdekt bij regionaal opleidingscentrum Leeuwenborgh in Maastricht. Daarop is onderzoek gedaan.

Defensie verwacht op basis van de eerste resultaten daarvan dat er geen gevolgen zijn voor de gezondheid, maar stelt ook dat niemand blootgesteld had mogen worden aan de straling.

Incidenteel

Voor zover bij Defensie nu bekend is, is er ''slechts incidenteel'' asbest vrijgekomen. ''Op grond van het aantal lesuren en de lage emissie is het niet aannemelijk dat de normen voor blootstelling aan asbest zijn overschreden'', schrijft Hillen.

Het omhulsel van de J79-motoren van de Starfighter bevat de radioactieve stof thorium. Ook is er een onderdeel met het radioactieve cesium. Mogelijk zit in de J85-motoren van de Northrop F-5, die ook voor lesdoeleinden op scholen worden gebruikt, een soortgelijk onderdeel. Daarom worden ook die motoren teruggehaald.

Speciaal informatienummer

Defensie heeft regionale opleidingscentra gebeld waarvan bekend is dat ze over de vliegtuigmotoren beschikken en hun geadviseerd er niet meer aan te zitten.

Via een speciaal informatienummer (0800-1351) kunnen leerlingen en docenten vragen stellen. Per jaar ronden enkele tientallen studenten hun opleiding vliegtuigtechniek af.

Ook zal Defensie (oud-)medewerkers die met de motoren hebben gewerkt, actief informeren over de mogelijke gezondheidsrisico's. Naar schatting ongeveer enkele honderden Defensie-medewerkers hebben intensief te maken gehad met de motoren, aldus Hillen.

Starfighter

De Starfighter was van 1962 tot 1984 in gebruik bij de luchtmacht, de NF-5 van 1969 tot 1991. Nadat de toestellen waren vervangen door de F-16, zijn vliegtuigen en motoren beschikbaar gesteld aan opleidingscentra buiten Defensie en musea.

Defensie denkt enkele weken nodig te hebben om alle vliegtuigmotoren op te sporen, te onderzoeken en op te halen. De J79-motor in het Militaire Luchtvaartmuseum in Soesterberg kan daar blijven, omdat daar niet aan wordt gewerkt.