DEN HAAG - De reden dat Nederland is gezakt op de internationale lijst die gelijkheid tussen mannen en vrouwen in kaart brengt, komt eerder door een betere score van andere landen dan een slechtere score van ons land.

Dat antwoordde premier Mark Rutte maandag op schriftelijke vragen van Tweede-Kamerlid Ineke van Gent (GroenLinks).

Onlangs werd bekend dat Nederland van de elfde naar de zeventiende plaats is gegaan op de zogenoemde Global Gender Gap Index. Op het gebied van vrouwenemancipatie gaan landen als Lesotho en de Filipijnen Nederland voor.

Volgens Rutte is op de meeste indicatoren voor de gelijkheid van mannen en vrouwen een verbetering te zien. ''De belangrijkste oorzaak van de daling van Nederland in de rangorde is dat een aantal landen het beter is gaan doen'', schrijft hij.

Gendergelijkheid

De minister-president wijst op het feit dat op het gebied van onderwijs en gezondheid Nederland maximaal scoort als wordt gekeken naar 'gendergelijkheid'. Qua economische participatie zit ons land ook boven het gemiddelde.

''Op het terrein van politieke participatie heeft Nederland in 2010 een lagere score dan in 2009'', analyseert hij. ''Dat is ook een reden voor een daling op de ranglijst. ''Het al dan niet hebben van een vrouwelijke premier weegt bijvoorbeeld net zo zwaar als het aandeel vrouwen dat op de arbeidsmarkt participeert.''

Kritiek

Eerder kreeg Rutte kritiek dat er te weinig vrouwelijke ministers in zijn kabinet zitten. Zijn kabinet zal echter wel stappen gaan zetten om gendergelijkheid te bevorderen. In de brief zegt Rutte toe dat de Kamer komend voorjaar het Actieplan Emancipatie (2011-2015) zal ontvangen.

Van Gent suggereert in haar vragen dat Rutte het onderwerp zelf ter hand moet nemen om zo meer coördinatie tussen de departementen te stimuleren.

Dat ziet Rutte niet zitten. ''De emancipatieportefeuille is uitstekend belegd bij de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).''