DEN HAAG - Informateur Herman Tjeenk Willink pleit ervoor dat een nieuwe regering aantreedt ''met een zeer beperkt coalitieakkoord op (financiële) hoofdlijnen waaraan fracties zich gebonden weten''.

Dat heeft hij geschreven in de bijlagen van zijn eindverslag dat hij maandag heeft aangeboden aan de koningin.

Tjeenk Willink noemt verschillende redenen waarom hij de voorkeur zou geven aan zo'n beperkt coalitieakkoord. Volgens hem zijn uitgebreide akkoorden ''vaak een belemmering voor een adequate reactie van een kabinet op gewijzigde omstandigheden of op ontwikkelingen die niet zijn voorzien''.

Hij voorziet een ''nieuw evenwicht'' met een ''kabinet dat op enige afstand van de Kamer staat''.

Tegenstelling

Tjeenk Willink constateert een ''toenemende tegenstelling tussen mensen die in de veranderende samenleving vooral kansen zien en mensen die die veranderingen vooral als bedreigend ervaren''.

Tegelijk stelt hij dat een ''politiek inhoudelijk debat'' hierover uitblijft, ''zolang kabinet en Kamermeerderheid nauw aan elkaar verbonden blijven door strakke coalitieakkoorden''.

Inbreng

Een ander voordeel van een beperkt akkoord is dat dit ruimte geeft aan een inhoudelijke inbreng van de fracties die niet in het regeerakkoord zijn opgenomen, ''waaronder de grootste winnaar van de verkiezingen'', aldus Tjeenk Willink.

Verder stelt hij vast dat kwesties die niet in het regeerakkoord zijn opgenomen, vrij zijn ''en dus niet tot een kabinetscrisis kunnen leiden''.

Paars-plus

Tjeenk Willink liet eerder maandag weten dat een kabinet paars-plus van VVD, PvdA, D66 en GroenLinks naar zijn idee het meeste recht doet aan de uitslag van de verkiezingen.

In de bijlagen somde hij nog wat persoonlijke voorkeuren op, waarvan hij zei te hopen dat de partijen er hun voordeel mee kunnen doen om dichter bij elkaar te komen.

Zo gaan wat hem betreft de partijleiders in de Kamer zitten en niet in het kabinet. Een onderlinge gedragscode over hoe partijen met de media omgaan, is nog zo'n advies.

Hij zei verder dat in een regeerakkoord aan burgers helderheid moet worden gegeven over de ''aard, omvang en tempo van maatregelen om de overheidsfinanciën te saneren''.