DEN HAAG - Een meerderheid in de Tweede Kamer omarmt de plannen van demissionair staatssecretaris Marja van Bijsterveldt van Onderwijs voor een verkorte lerarenopleiding aan de universiteit, de zogenoemde educatieve minor. Dat bleek donderdag tijdens een debat.

Sinds het studiejaar 2009-2010 bestaat deze nieuwe route naar het leraarschap, maar de wet moest nog worden aangepast.

Studenten die binnen hun vakbachelor de educatieve minor volgen, krijgen bij succesvolle afronding de bevoegdheid om les te geven op de mavo en de eerste drie jaar van havo en vwo.

In dit studiejaar doen zo'n 275 mensen deze aanvullende opleiding. De introductie van de hiervan is één van de maatregelen van Van Bijsterveldt om meer academici voor de klas te krijgen.

Beloning

Enkele fracties stelden dat de bewindsvrouw ook moet regelen dat leraren beter beloond worden en dat het gevaar op de loer ligt dat de kwaliteit van leraren achteruit gaat. De minor zou opleiden tot 'halve leraren'.

Van Bijsterveldt wimpelde dat weg. ''We moeten wat doen om meer leraren aan te trekken en veel alternatieven hoor ik niet. Daarop wachten heeft geen zin, want voor wie wacht komt alles steeds te laat.''

Evaluatie

De staatssecretaris zegde de Kamer toe dat binnen twee jaar een evaluatie volgt van het plan.

Kamerleden zijn vooral benieuwd hoe het dan zit met de kwaliteit van de leraren en of de nieuwe leerkrachten blijven hangen in het onderwijs en doorgroeien naar een hogere lesbevoegdheid.

Geld

Woensdag kondigde de staatssecretaris aan dat middelbare scholen die stageplekken bieden aan volgers van de minor, geld krijgen voor hun begeleiding en beoordeling.

Ze stelt voor deze taak 4 miljoen euro beschikbaar. Onderdeel van de verkorte lerarenopleiding is een stage op een middelbare school. Met het toegezegde geld kunnen ruim duizend educatieve minorstagiairs worden begeleid.

Dit studiejaar wordt de educatieve minor aangeboden op tien universiteiten. Dat aantal wordt komend jaar uitgebreid.